Plenair debat · woensdag 9 september 2026
EU-dimensie Koninkrijksrelaties (CD d.d. 02/09)
Annabel Nanninga
JA21
Dank, voorzitter. Ik heb zoals beloofd naar de beantwoording in het debat geluisterd. Eén ding viel me op. De staatssecretaris zei namelijk dat het primair aan de landen zelf is of zij verder willen als LGO of UPG. Dat verbaasde mij. Volgens mij kan alleen het Koninkrijk het verzoek indienen bij de Europese Raad, na een besluit van de Rijksministerraad. Ik ken deze staatssecretaris als iemand die dit soort feiten altijd uit zijn hoofd heel goed op orde heeft. Misschien heb ik het fout en kan hij mij uitleggen hoe dit werkt.
Het onderscheid is wel belangrijk, want de consequenties zijn heel groot. Het betrokken land moet dan veel meer EU-recht implementeren, uitvoeren en handhaven, terwijl de afspraak is om capaciteit te korten. Drie keer raden wie daarvoor verantwoordelijk wordt. Maar ik snap de pullfactoren voor de landen wel. Een UPG-status kan immers meer financieringsopties beschikbaar maken. Er is überhaupt moeite met het maximaal benutten van alle financiële instrumenten van de LGO-status wegens capaciteitsgebrek. Dan zou het een Nederlandse verplichting worden om te helpen. Dan is het capaciteitsgebrek wel opgelost. Maar laten we nu eerst eens alle huidige instrumenten goed benutten. Laten we focussen op het duurzaam inbouwen van eigen capaciteit en laten we de landen helpen om het aantrekkelijk te houden om van de LGO-status gebruik te blijven maken. Vandaar de volgende motie.