Voorzitter. We ontvingen vandaag een brief van de staatssecretaris, waarin het gaat over de afhandeling van de aardbevingsschade in Geelbroek. Ik begrijp dat bij de afhandeling van die aardbevingsschade eerst wordt ingezet op schademeldingen van vóór 30 juni en op gevallen waarbij de hardheidsclausule geldt. Dit roept wel vragen op over de overige schademeldingen, die van na 30 juni. Ik lees in de brief dat het inmiddels om 794 gevallen gaat. De staatssecretaris schrijft dat hij eerst een beter beeld wil krijgen en later wil bekijken of de lessen uit de versnelde aanpak kunnen worden meegenomen in de afhandeling. De vraag is dan: welke duidelijkheid kan hij deze inwoners nú bieden? Wat kunnen zij het beste doen? Kunnen zij voorlopig afwachten en mogelijk later alsnog in aanmerking komen voor versnelde afhandeling, of staat nu al vast dat voor hen de reguliere schadeafhandeling geldt? Wanneer en hoe moeten deze inwoners daar dan een keuze in maken? Het lijkt me belangrijk dat zij hier snel duidelijkheid over krijgen. Is de staatssecretaris dat met mij eens?
Voorzitter, dank u wel.
Uitspraken Henk Jumelet, 9 sep