Plenair debat · donderdag 24 september 2026
de bevindingen van de Algemene Rekenkamer dat 10.000 aangiften niet door de politie worden onderzocht
Voorzitter. Of de minister de Kamer verkeerd heeft geïnformeerd, bewust of onbewust, is vandaag gewoon dé cruciale vraag. In de Kamerbrief die de minister vanochtend stuurde, miste ik behoorlijke zelfreflectie van de minister. Er waren zes pagina's aan ambtelijke, technische woorden over waarom de Kamer niet verkeerd geïnformeerd is.
Voorzitter. Het was niet Pipo de Clown die zei dat de minister de Kamer verkeerd heeft geïnformeerd, maar de Algemene Rekenkamer. Dat is een van de hoogste colleges die we hebben. De Algemene Rekenkamer! Als Kamer, zeg ik nog maar een keer, moeten wij er honderdduizend procent op kunnen vertrouwen dat de informatie die wij van het kabinet krijgen de juiste informatie is. Met die informatie controleren wij namelijk het kabinet. Als die informatie niet juist is, kunnen wij het kabinet niet controleren en is de democratie kapot.
Voorzitter. Voor BBB weegt ook de enorme puinzooi bij de politie zwaar mee. Daarmee zeg ik niks over de inzet, de grote inzet, van de agenten zelf, want zij werken binnen de middelen en de mogelijkheden die zij hebben. Ik wil mijn waardering uitspreken voor de politieagenten op straat en in de bureaus. De puinzooi waar ik het over heb, komt door een gebrek aan middelen, maar ook door de grote afstand tussen de korpsleiding en de agenten en rechercheurs op straat en aan het bureau. Dat politieagenten meermaals door de korpsleiding voor de bus zijn gegooid — denk aan de zaak-Lisa en die over het Bollendak in Utrecht — helpt ook niet. Ook dat reken ik de minister aan. De minister is geen brugklasser, of een stagiair op Justitie en Veiligheid. Zijn kennis van de dagelijkse praktijk lijkt ons nu in ieder geval, zacht gezegd, niet op orde.
Ik heb zelf het vermoeden dat de minister zich stelselmatig verkeerd laat informeren, verkeerd laat adviseren of zich laat leiden door anderen. Ook dat is ernstig. Leiderschap, voorzitter. Leiderschap! De minister moet meer leiderschap tonen. Kan de minister hierop reflecteren? Heeft de minister de boel nog wel in de hand? Wordt hij verkeerd of niet volledig geïnformeerd of geadviseerd, en zo ja, door wie?
Voorzitter. Twee weken geleden werd er een motie ingediend die de minister vroeg om erop toe te zien dat de politie haar wettelijke plicht nakomt om aangiftes op te nemen. In plaats van die motie te omarmen, ontraadde hij die en zei hij dat hij dat signaal niet herkende. Nou, sorry hoor, hoever sta je dan van de praktijk af? Ons bereiken namelijk van agenten wél die signalen. Ons bereiken signalen dat er inderdaad gestuurd wordt op het niet doen van aangiftes. Waarom bereiken mij die signalen wel en de minister niet? Soms wordt het doen van aangifte afgeraden omdat agenten weten dat er vervolgens toch niks mee gebeurt. Ik hoor voorbeelden van agenten die een aangifte opnemen, naar de printer lopen, weer terugkomen en dan al zien dat de recherche de zaak niet in behandeling gaat nemen. Weet de minister dit? Herkent hij deze praktijk dan wel? Heeft hij de agenten die hiermee moeten werken eigenlijk zelf wel gesproken? Op al deze vragen: zo nee, waarom niet?
Voorzitter. Wij wachten de beantwoording van de minister natuurlijk met belangstelling af, maar BBB vraagt zich op dit moment wel af of deze minister nog de aangewezen persoon is om de politie uit de problemen te helpen. Nogmaals, het is niet alleen het verkeerd informeren, maar ook de afstand tot de praktijk, door zijn houding tegenover de aangenomen moties van de Tweede Kamer.
Tot slot, voorzitter. Agenten verdienen een minister die weet wat er op straat gebeurt, eerlijk is over wat er misgaat en leiderschap toont. Dat verdienen niet alleen agenten, dat verdient Nederland.
Dank u wel.