Vragenuur · dinsdag 29 september 2026
Vragenuur
Bart van den Brink
minister van Asiel en Migratie, viceminister-president
Dank u wel, voorzitter. Dank ook voor deze vragen. Het is terecht dat de heer Ceulemans op het belang van de nationale veiligheid wijst. Precies dat belang is hier aan de orde, want het nieuwsbericht gaat over inreisverboden die voor twintig jaar zijn opgelegd. Die berichten gaan natuurlijk vaak over terrorismeveroordeelden, terwijl de cijfers breder zijn. Wanneer een terrorismeveroordeelde zonder rechtmatig verblijf uit detentie komt, wordt er allereerst intensief ingezet op vertrek. Er wordt zo veel mogelijk aan vertrek gewerkt op het moment ze nog in detentie zitten. Wanneer vertrek niet onmiddellijk lukt, zijn er verschillende toezichtmaatregelen die kunnen worden toegepast. U heeft daar de afgelopen jaren ook veel debatten over gevoerd met de minister van Justitie, onder andere over de Wet langdurig toezicht, de Tijdelijke wet bestuurlijke maatregelen terrorismebestrijding en het vreemdelingenrechtelijke aspect, waar u ook vragen over heeft gesteld.
In het coalitieakkoord is aangekondigd dat er voor een specifieke doelgroep die een dreiging voor de nationale veiligheid vormt, wordt gewerkt aan het versterken van het toezicht, waaronder mogelijkheden om een gebiedsgebod op te leggen met elektronische monitoring. U haalt hier dus een reëel vraagstuk aan. Dit kabinet onderkent dat, net als vorige kabinetten. Er wordt dus door de verschillende diensten met man en macht gewerkt om de hoogrisicopersonen in beeld te krijgen. Dat is dan ook mijn antwoord op uw vraag over het aantal personen.
Alle betrokken diensten, onder coördinatie van de NCTV, werken samen om het vertrek te realiseren van terrorismeveroordeelden met een hoogrisicoprofiel die weer vrij zijn gekomen en om de risico's te mitigeren. Het is een extra uitdaging dat er hierbij natuurlijk vaak sprake van is dat het Nederlanderschap is ingenomen. Vastzetten kan dus alleen op het moment dat we zicht hebben op terugkeer. We werken er aan alle kanten aan om die medewerking te krijgen. Dit is een van de onderwerpen waar de minister van Justitie, de minister van Buitenlandse Zaken en ik zeer veel en intensief overleg over hebben, zodat we in diplomatieke zin met andere landen tot afspraken komen. We hebben andere landen nodig voor medewerking om deze mensen uiteindelijk te laten terugkeren, omdat ze niet meer in Nederland mogen blijven. Zij hebben het recht op het Nederlanderschap verspeeld door zich tegen de Nederlandse samenleving te keren en een terrorismedaad te plegen. We zetten dus alles op alles om terugkeer te realiseren.