Wetgevingsoverleg · maandag 22 juni 2026
Raming der voor de Tweede Kamer in 2027 benodigde uitgaven, alsmede aanwijzing en raming van de ontvangsten
Thom van Campen
VVD
We zijn een inclusief huis. Ik vind dat iedereen, ongeacht zijn geslacht, identiteit of beperking, ruimte moet hebben om hier goed te komen. Dus als mevrouw Beckerman dit voorbeeld nu aandraagt, dan gaan we serieus kijken of daar knelpunten zijn en of dingen ook voor rolstoelgebruikers kunnen worden verbeterd, net als we dat hebben gedaan naar aanleiding van de motie-Bikker over rolstoelplekken in commissiezalen. Zo blijven we leren. Volgens mij is de kern, de essentie hiervan dat we ook een beetje rekening houden met misschien hele kleine groepen die wel een behoefte hebben. Daar komen we in praktische zin best met elkaar uit, denk ik. Ik zal vragen of ik in de tweede termijn concreter iets kan zeggen over de vraag van mevrouw Beckerman. We gaan daar in ieder geval naar kijken.
Meneer Ergin heeft mij gevraagd naar stilteruimtes. Op dit moment is ons beeld dat de stilteruimtes niet altijd vol zitten. Ze zijn op de vierde en vijfde etage te vinden. Het zijn ook wettelijk verplichte speciale ruimten. Met twee plekken voldoet de Tweede Kamer op dit moment aan het aantal stilteruimtes. Het is behelpen. Er zijn op dit moment geen ruimtes beschikbaar die kunnen worden omgebouwd, omdat alle ruimtes op dit moment vol zijn. Dat ten aanzien van de stilteruimtes.
Meneer Ergin heeft aandacht gevraagd voor de diversiteit van de Kamerorganisatie, met name in de toplagen. Hij vroeg: wat gaat de Voorzitter doen en hoe gaat hij zijn mooie woorden omzetten in daden? Door inzet van sociale media en beelden wordt duidelijk gemaakt dat er binnen onze Kamerorganisatie ruimte is voor diversiteit. Het is de bedoeling dat dit een grotere groep aanspreekt. Leidinggevenden zullen verplicht worden gesteld trainingen te volgen die hen helpen objectief te werven en selecteren op basis van competenties. Door inzet van opleiding en training wordt zittend personeel de mogelijkheid geboden zich te ontwikkelen en intern in functie door te groeien.
Meneer Ergin heeft aangegeven dat er soms wel en soms geen halaleten is in het Restaurantbedrijf. Hij vraagt of er niet standaard kan worden gekozen voor één gerecht. Het Restaurantbedrijf is zich hiervan bewust. De invulling van het assortiment is vastgelegd in een overeenkomst die na Europese aanbesteding is gesloten. Daarbij is gekozen voor een breed en gevarieerd aanbod, met inbegrip van halalproducten, dat aansluit bij uiteenlopende wensen en behoeften van het gebouw. Op deze manier streven we naar het bedienen van alle gebruikers van het gebouw en niet onbewust richting een specifieke groep. Ik vond het debat tussen lid Kostić en meneer Ergin hierover ook interessant. Zo zie je maar weer dat alles onder dit dak uiteindelijk toch politiek is. Op deze manier proberen we aan alle geluiden afdoende recht te doen.
Mevrouw Beckerman heeft gevraagd of het nog uit te leggen is dat de wachtgeldregeling ruimer is dan de WW en of het tijd zou moeten zijn om dat recht te trekken. De huidige wettelijke regeling voor wachtgelden voorziet niet in mogelijkheden om dit nader te reguleren. Voor een eventuele aanpassing is een wijziging van wet- en regelgeving nodig vanuit de verantwoordelijke minister van BZK. Daarmee is het een politieke keuze van de wetgever.
Meneer Grinwis heeft gevraagd naar de Prokkelweek. Ik vond het heel leuk dat de fractie van de ChristenUnie weer meedeed en dat ik een aantal van de deelnemers mocht ontmoeten. Kan ik toezeggen dat de Kamer hier jaarlijks aan meedoet? Vanuit de Tweede Kamer hebben we hier jaren met genoegen aan deelgenomen, alleen merkten we dat het steeds ingewikkelder werd om een en ander met de fracties rond te krijgen. Daardoor is het accent verlegd naar de begeleiding van mensen met een arbeidsbeperking binnen de ambtelijke organisatie zelf. Wel is het ons voornemen om in 2027 weer deel te nemen als ambtelijke organisatie, als Kamer. Dit zal dan gericht zijn op een stage bij de afdelingen binnen de ambtelijke organisatie.
Ook heeft de heer Grinwis gevraagd in hoeverre de arbeidsverhouding een rol speelt bij de vraag of er een plenaire herdenking kan plaatsvinden. In het bestaande protocol is alleen opgenomen dat medewerkers die in dienst van de Tweede Kamer zijn plenair herdacht worden, indien door de familie gewenst. Uiteraard kunnen we daar opnieuw naar kijken, als de wens daartoe bestaat. En ik dacht uit de vraag van de heer Grinwis op te maken dat die wens er is, dus dat zullen we doen.
Het CDA heeft gevraagd om het vervroegen van de evaluatie van de dienstauto van de Griffier. Het CDA krijgt graag de toezegging dat die een jaar eerder dan het aflopen van het contract wordt geëvalueerd. Dat kan, en dat zeg ik bij dezen toe.
Lid Kostić heeft aandacht gevraagd voor een gezonde werkomgeving. Het is belangrijk dat er voldoende groen in de buurt is, ook bij hitte. Onderschrijft het Presidium dat het belangrijk is dat er voldoende groen in de buurt is? Welke mogelijkheden zijn er om daarvoor te zorgen? De omgeving van de tijdelijke huisvesting is een verantwoordelijkheid van de gemeente Den Haag. Het Rijksvastgoedbedrijf heeft in 2025 de groene daken opgeleverd. Daarnaast is op het dak bij het Ledenrestaurant een bijenkolonie aanwezig. Ik was erbij — bij! — in 2021, toen die definitief is meeverhuisd. Op die manier proberen we biodiversiteit dus te stimuleren, wat toch best een opgave is in dit brutalistische gebouw. Zo proberen we toch bij te dragen aan een groene leefomgeving en aan biodiversiteit.
Ook vroeg lid Kostić naar de toepassing en de beschikbaarheid van peulvruchten. Is er voldoende gezond en biologisch aanbod in de Kamer en wat wordt er gedaan om het aanbod meer in lijn te brengen met de recente aanbevelingen van het Voedingscentrum? We proberen onze gasten dagelijks te voorzien van een gevarieerd assortiment. We voldoen aan de categorievisie van het Rijk met betrekking tot de inkoop van biologische ingrediënten en grondstoffen. Volgens de norm is dat nu 25% van het totale aantal ingrediënten. Indien gewenst kunnen we het gebruik van peulvruchten in onze maaltijden verhogen.
Lid Kostić vroeg ook naar dat percentage van die 25%. Dat percentage wordt door het Rijk als ambitieus en uitdagend gezien. Iedere vier jaar wordt dat percentage opnieuw bekeken. Het wordt telkens iets verhoogd, om het ook realistisch te houden. Want we kunnen wel een percentage vaststellen, maar daar moeten we dan natuurlijk uiteindelijk ook aan gaan voldoen. Momenteel wordt er door de mensen achter die visie gewerkt aan het beter meetbaar maken van dit percentage, want er zijn nu teveel variabelen die een objectieve meting moeilijk maken. We meten nu de ingekochte kilo's ingrediënten.
Voorzitter. Daarmee kom ik aan het einde van mijn beantwoording. Ik ben de leden, nogmaals, zeer erkentelijk voor de gestelde vragen en het gevoerde debat. Als ik iets heb laten liggen, is dat abusievelijk gebeurd. Dan hoor ik dat graag in tweede termijn.