Voorzitter, dank u wel. "Moerdijk is thuiskomen." Zo verwoordde een van de inwoners het dorpsgevoel. Een dorpsgemeenschap is meer dan 500 woningen en huishoudens. Kom hier maar eens om in een stadswijk. Dit is niet te verplaatsen. Ook "opheffen" is niet het goede woord. Je kunt zo'n gemeenschap alleen losscheuren en dat doet pijn. Dit moet zwaar wegen.
De SGP heeft flinke vraagtekens. Hoe kan het dat eerst gesteld werd dat 450 hectares bij Moerdijk nodig waren voor industrie- en energieprojecten, maar dat dit nu opeens naar beneden bijgesteld lijkt te worden? Het kan toch niet zo zijn dat de oorspronkelijke opgave alleen op basis van tekentafelinschattingen is bepaald? Je zou denken dat al rekening is gehouden met bijvoorbeeld de tegenwind voor de industrie. Zoiets houd je toch tien keer tegen het licht voordat je dat serieus op tafel legt? Ik realiseer me dat die keuzes zijn gemaakt door de voorganger van de staatssecretaris, dus ik waardeer het dat hij niet gestopt is met nadenken. Maar het verbaast me om te lezen dat die indicatieve inschatting van 450 hectare gebaseerd was op een raming die niet heel concreet kon worden ingevuld. Hoe kan dat? Ik hoor graag met welke industrie-ontwikkeling de staatssecretaris nu rekent. Wil hij de enkele vage zinnen hierover toelichten?
Ik snap dat de staatssecretaris geen lichtvaardig besluit wil nemen. In Groningen zijn in het verleden drie dorpen verdwenen vanwege uitbreidingsplannen voor de industrie, terwijl een deel van die uitbreidingen niet is gerealiseerd. De dorpjes zijn er echter niet meer. Alleen de begraafplaatsen liggen er nog. Dat wil je voorkomen. Maar hoe robuust zou de variant van 250 hectare zijn? De grote, begrijpelijke vrees van Moerdijk is dat ze dan over tien jaar weer de klos zijn. Ze willen minimaal een generatie met rust gelaten worden. Delen de bewindslieden dit uitgangspunt?
Een ander vraagteken is hoe de Powerportplannen zich verhouden tot het voorstel van TenneT om een hoogspanningsstation te bouwen in zuidoostelijke richting. TenneT heeft aangegeven dat een andere locatiekeuze een vertraging van vijf jaar zou opleveren. Ik vind dat toch wel merkwaardig. In het bestuurlijk overleg eind vorig jaar is vastgesteld dat de locatie zuidoost ingewikkeld is, omdat een snelweg en andere infrastructuur doorkruist moeten worden. Nu hebben netbeheerders een sterke voorkeur voor zuidoost, omdat het juist minder ingewikkeld is. Hoe zit dat?
De voortdurende onzekerheid is slopend, ook voor de leefbaarheid van het dorp. Dat is nu al het geval. Inwoners vertrekken, waardoor de school mogelijk zelfs niet kan blijven. Verbouwingen worden uitgesteld. Er moet zo snel mogelijk duidelijkheid komen. Wanneer kunnen we echt besluitvorming tegemoetzien? Er wordt nu al samen met de gemeente Moerdijk gekeken wat nodig is om de leefbaarheid en het voorzieningenniveau van Moerdijk zo goed mogelijk te houden. Denk aan het overeind houden van de dorpsschool. Het kabinet wekt de indruk dat pas een participatie- en transitiestrategie wordt opgesteld als een locatiebesluit genomen is, maar de onzekerheid trekt nu al zijn sporen. Participatie begint toch niet als het besluit al genomen is? Dat moet toch meer zijn dan een gesprek met de dorpstafel? Hoe nemen de bewindslieden de inwoners mee?
Het is belangrijk dat beloftes en afspraken worden nagekomen. Ik begreep van inwoners dat sommige nog een nare bijsmaak hebben van de komst van Logistiek Park Moerdijk. Er was een fietspad beloofd tussen Moerdijk en Zevenbergen. Het park is er gekomen, maar het fietspad niet. Het huidige gejojo in het besluitvormingsproces geeft de Moerdijkers weinig vertrouwen. Hoe gaat het kabinet dit vertrouwen ooit terugwinnen?
Ingrijpende besluiten neem je pas als het echt niet anders kan. Daarbij hoort dan duidelijkheid over het pad dat voorligt, met een royale ondersteuning voor verhuizen en leefbaarheid, maar dat is nu nog niet aan de orde. Hoe dan ook, Moerdijk is thuiskomen. Dit dorpsgevoel verdient bij de besluitvorming drie keer woordwaarde.
Tot zover.
Uitspraken André Flach, 25 jun