Wetgevingsoverleg · maandag 1 juni 2026
Wijziging van de Wet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba in verband met de verhoging van het aantal eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden (Wet verhoging aantal eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden)
Don Ceder
ChristenUnie
Dank u wel. Good day, goedendag en bon dia.
Voorzitter. Onze Nederlandse democratie is gebouwd op het huis van Thorbecke. Iedere overheidslaag heeft zijn eigen taak en verantwoordelijkheid. Gemeenten staan daarbij als bestuurslaag het dichtst op de inwoners. Vaak zijn zij ook de meest zichtbare bestuurslaag, met gekozen raadsleden en wethouders die hun inwoners vertegenwoordigen en besluiten nemen. Dat is een systeem om te koesteren, maar ook een systeem om te verbeteren als dat noodzakelijk is. In het geval van de samenstelling van het aantal eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden op Bonaire, Statia en Saba is verandering zeer noodzakelijk. Ik ben blij dat het wetsvoorstel er ligt en dat we het snel behandelen, ook met het oog op de verkiezingen van volgend jaar.
Voorzitter. Ik moet zeggen dat ik aanvankelijk zeer kritisch was, juist omdat de eilandsraadsleden, in ieder geval een aantal van hen, te kennen hadden gegeven dat ze de huidige opzet onvoldoende vonden. Ik heb begrepen dat de eilandsraden, mede dankzij de inzet van de bewindspersoon en de ambtenaren over en weer de afgelopen weken, zich nu in groten getale achter het huidige voorstel kunnen scharen. Ik denk dat dat een compliment waard is.
Voorzitter. Het aantal eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden op de BES-eilanden staat al lange tijd niet in verhouding tot het aantal inwoners en de aantallen in Europees Nederland. De gemeente Bunschoten heeft bijvoorbeeld 22.000 inwoners en 19 raadsleden. Bonaire heeft 26.000 inwoners en maar 9 eilandsraadsleden, terwijl Bonaire een eiland met andere en ook meer verantwoordelijkheden is; het heeft bijvoorbeeld een eigen vliegveld. Kortom, dat het aantal eilandsraadsleden moet worden verhoogd, is in mijn ogen een no-brainer, ook met het oog op de versterking van de democratische legitimiteit. Dit voorstel was oorspronkelijk onderdeel van de totale herziening van de Wet openbare lichamen BES. Dit deel is nu losgetrokken. Gezien de snelheid van de behandeling begrijp ik dat, maar dat betekent niet dat de totale herziening van de Wet openbare lichamen BES en de Wet financiën openbare lichamen BES op een zijpad moet worden geschoven.
Voorzitter. Met dit wetsvoorstel wordt het aantal eilandsraadsleden op een gelijkwaardig niveau met Europees Nederland gebracht. Voor meer gelijkwaardigheid en versterking van de democratie is het ook noodzakelijk om de andere aanpassingen door te voeren, zoals een andere benoemingsprocedure van de gezaghebber.
Voorzitter. Dan de vraag. De herziening van de Wet openbare lichamen BES duurt in mijn ogen te lang. Die is in 2023 geconsulteerd en daarna is er tijdens de werkconferentie over gesproken met eilandsraadsleden. Ik vraag de staatssecretaris naar de stand van zaken. Kan hij toezeggen dat het wetsvoorstel voor het einde van het jaar in behandeling genomen wordt? Kan hij dat concreet toezeggen, of in ieder geval in een brief aangeven wanneer de behandeling kan plaatsvinden?
Voorzitter. Bovendien wordt de functie van Rijksvertegenwoordiger in het voorstel toch behouden. Daar was discussie over. Mijn vraag is ook: waarom? Wat is de nut en noodzaak van die Rijksvertegenwoordiger? Hoe ziet de staatssecretaris dit in het kader van het "comply or explain"-principe? Gemeenten hebben immers ook geen Rijksvertegenwoordiger. In hoeverre heeft dit besluit het wetgevingstraject vertraagd? Graag een reflectie van de staatssecretaris, ook op het handelen van zijn voorganger.
Voorzitter. Het wetsvoorstel zelf is vrij helder en duidelijk. Toch heb ik, ook gezien de amendementen die ik heb ingediend, een aantal vragen, allereerst rond de verhogingen van het aantal eilandsraadsleden. Die verhogingen vinden stapsgewijs plaats. Er is afgesproken dat er tussen de verhogingen een evaluatie plaatsvindt. Deze evaluatie is echter niet wettelijk vastgelegd. Waarom is hier niet voor gekozen, vraag ik de staatssecretaris. Bovendien werd er in de afspraken een uitzondering gemaakt voor Sint-Eustatius? Daar zou geen evaluatie voor nodig zijn. Waarom, vraag ik.
Ik heb de wet op dit punt dan ook geamendeerd en stel voor de evaluatie wel wettelijk te verankeren, ook voor Statia. Dat is niet omdat ik de verhogingen wil bemoeilijken of niet zou steunen, allesbehalve, maar juist om gebruikt te kunnen maken van de kansen die deze evaluatie biedt qua verbeteringen. Ik denk bijvoorbeeld dat het ook slim is om te kijken naar de opvolging van de gemaakte afspraken tussen het Rijk en de eilandsbesturen. Ik heb verschillende mensen op de eilanden gesproken. Zij maken zich toch zorgen of Nederland de afspraken die zijn gemaakt tijdens de werkconferentie daadwerkelijk gaat waarmaken. Daar ligt een evidente zorg. Ik vraag aan de staatssecretaris of die terecht is. Voor de vormgeving van de evaluatie heb ik dus aangesloten bij de afspraken die gemaakt zijn tijdens de werkconferentie. Ik ben benieuwd naar de appreciatie van de staatssecretaris.
Voorzitter. Ook over de bezoldiging van de eilandsraadsleden zijn bij de werkconferentie belangrijke afspraken gemaakt. De bezoldigingen voor eilandsraadsleden in Caribisch Nederland liggen namelijk een stuk lager dan die voor gemeenteraadsleden in Europees Nederland, terwijl we weten dat de levenskosten op de eilanden hoger zijn dan hier in Europees Nederland. Dat is wat mij betreft niet uit te leggen. In de wet wordt in de financiële paragraaf uitgegaan van de huidige bezoldigingsafspraken. Waarom?
Ik vind de afspraken rond bezoldiging dusdanig belangrijk dat ik een amendement heb ingediend om de inwerkingtreding afhankelijk te maken van het nieuwe rechtspositiebesluit. Ik begrijp dat dit een nogal zwaar instrument is, maar wat mij betreft kan het verhogen van het aantal eilandsraadsleden, een oprechte poging om de democratische legitimiteit te versterken, niet zonder ook een passende bezoldiging en concrete afspraken daarover. Ik wil dan ook vragen wanneer de staatssecretaris dit gaat regelen en of er voldoende middelen zijn vrijgemaakt door dit kabinet. Kan de staatssecretaris hierop reflecteren en daarmee ook misschien de zorgen wegnemen van de mensen die momenteel meekijken?
Voorzitter. Ook rond ondersteuning en huisvesting van de eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden zijn afspraken gemaakt en dat is goed. Bij de gemaakte afspraken lees ik dat de minister jaarlijks in ieder geval €350.000 beschikbaar stelt voor de ondersteuning van de eilandsraadsleden. Mijn vraag is of deze financiële middelen ook direct beschikbaar zijn zodra de wet ingaat, of dat de minister daarmee wacht tot de inwerkingtreding van de Herzieningswet WolBES en FinBES. Is de minister het met mij eens dat het logisch zou zijn om dit geld per direct beschikbaar te stellen bij het ingaan van de wet en niet te wachten op de herzieningswet, ook omdat de nodige fysieke en materiële zaken aangepast zullen moeten worden om de verkiezingen en de uitbreiding na de uitslag mogelijk te maken? Ook rond huisvesting, heel praktisch bijvoorbeeld de plek waar vergaderd wordt en een mogelijke uitbreiding daarvan, ben ik benieuwd naar de stand van zaken van de gemaakte afspraken.
Voorzitter. Het uiteindelijke doel van deze wet is het versterken van de democratie en de democratische legitimiteit van het bestuur van de openbare lichamen. Het verhogen van het aantal eilandsraadsleden en eilandgedeputeerden is daarom ook een stap in de goede richting. Dat is, voor zover ik heb begrepen, inmiddels ook het standpunt van alle eilandsraden. Dat betekent echter niet dat we het nu voor gezien kunnen houden en achterover kunnen leunen. Daarom ben ik blij om te zien dat er een samenwerking op touw gezet wordt tussen de eilanden en de VNG en de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. Mijn vraag is of de staatssecretaris een beeld kan geven bij de initiatieven die er nu lopen tussen de VNG, de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden en de eilandsraadsleden en hoe deze versterkt zouden kunnen worden.
Voorzitter, tot slot. Ik hoop dat de resultaten van dit wetsvoorstel en de herzieningswetten die eraan komen, bijdragen aan een gelijkwaardiger bestuur, met als uiteindelijk resultaat de bloei van de eilanden en hun inwoners, zowel economisch als op sociaal gebied.
Dank u wel.