Commissiedebat · donderdag 10 september 2026
Vreemdelingen- en asielbeleid
Bart van den Brink
minister van Asiel en Migratie, viceminister-president
Hold your interrupties! Er zijn veel vragen over gesteld. Dat is terecht, omdat het vertrekpunt hierin is dat het Europees Migratiepact heel duidelijk is over de verantwoordelijkheidsverdeling van de lidstaten. Laat ik dus ook vooral gelijk vooropstellen dat er een uitspraak ligt. Daartegen gaan we in beroep. Dat loopt al. Dit willen we namelijk herstellen. Dat is het vertrekpunt van het kabinet. Het is goed om uit te leggen wat daaronder speelt, denk ik. We hebben dus vanaf 12 juni die asielregels. We hebben de Dublinprocedures richting Italië weer opgestart. Die bestaan uit meerdere stappen. De eerste stap in de procedure is dat Italië zijn verantwoordelijkheid bevestigt. Als wij in de Eurodac-hits zien dat iemand in Italië is geweest, claimen wij dat bij Italië en dan moeten zij dat bevestigen. Dat doen zij overigens ook. De laatste stap in de procedure is dat Italië de feitelijke overkomst van de asielzoeker accepteert. In dit geval is iemand daar dus tegen in beroep gegaan. Dat heeft geleid tot een uitspraak van de rechter, die we nu hebben gezien. De Raad van State oordeelde eerder, in een uitspraak in april, dat vanwege het gebrek aan opvangvoorzieningen ten aanzien van Italië niet van het interstatelijke vertrouwensbeginsel mocht worden uitgegaan. Dat hebben verschillende van u ook aangehaald. Het is nu aan ons om aan de rechter en aan de Raad van State aan te tonen dat we ten aanzien van Italië weer kunnen uitgaan van het vertrouwensbeginsel en dat er geen sprake is van structurele en fundamentele opvangproblematiek in Italië.
Het herstellen van het interstatelijke vertrouwensbeginsel is eerder aan de orde geweest in asielrechtdiscussies. We hebben de situatie gehad met de Deense autoriteiten, die keuzes maakten die het interstatelijke vertrouwensbeginsel ter discussie stelden in rechtszaken. Ook in Kroatië hebben we dit gehad met Dublinzaken. In beide gevallen is het gelukt om dat te herstellen, nadat we dat bij rechters in hoger beroep hebben bepleit. We werken daar nu vol aan, omdat wij ervan overtuigd zijn dat bij Italië daarvan weer mag worden uitgegaan en dat het voldoende duidelijk is dat er voldoende opvangcapaciteit is voor terugkeer. Dat leiden wij onder meer af uit een rapport van de Europese Commissie van afgelopen juni, maar ook uit de expliciete bevestiging die ik heb gekregen toen ik zelf aanwezig was bij de Italiaanse minister. Dat is dus de route die wij nu willen lopen.
Zoals meerdere leden hebben gevraagd, te weten de heer Ceder en mevrouw Van der Plas en anderen, staat dit natuurlijk haaks op de verwachtingen die we hadden. Dit staat haaks op de verwachting dat we dit gewoon weer konden laten functioneren zoals bedoeld onder het pact. Wij hebben daar dus ook veelvuldig contact over, ook met de Europese Commissie en ook met andere landen. We zien natuurlijk ook bij andere landen nog wel dat er een paar hiccups zijn in het overbrengen naar Italië. We werken daar dus ook op diplomatieke basis aan. We spreken de Commissie en Italië er natuurlijk stevig op aan om hieraan volledig medewerking te geven, zodat het pact wordt uitgevoerd zoals het is bedoeld.
Dat waren mijn eerste antwoorden. Daarna liggen er nog een paar andere vragen over "internationaal". Die zou ik gelijk even kunnen doen.