Plenair debat · woensdag 2 september 2026
Wijziging van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg in verband met het opnemen van de medisch hulpverlener acute zorg en de klinisch fysicus in de lijst van registerberoepen (36832)
Mirjam Sterk
minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
Dank u wel, voorzitter. Fijn om iedereen weer te zien. Sommigen zijn met een wel hele frisse look terug van het reces, maar goed — dat heb ik ook bij het vorige debat gezegd — dat iedereen weer in goede gezondheid hier terug is.
Mevrouw Wendel zei het ook al: jong en oud willen natuurlijk graag dat als ze iets overkomt en ze overgeleverd zijn aan medische zorg, ze erop kunnen vertrouwen dat dat veilig is en dat dat een goede kwaliteit heeft. Daarom hebben we deze wet. Dat is eigenlijk ook waar het vandaag over gaat. Hoe zorgen we nou dat we rondom die beroepen die dit hele, soms risicovolle, handelen moeten gaan uitvoeren, zeker weten dat dat van goede kwaliteit is en veilig voor ons gebeurt?
In Nederland werken zo'n 1,6 miljoen mensen in zorg en welzijn. Van hen zijn ongeveer 400.000 zorgmedewerkers ingeschreven in het BIG-register. Dat betekent dat het grootste deel van de zorgprofessionals zijn werk doet zonder wettelijke titelbescherming. Dat is ook precies de bedoeling. Bij de vraag of opname in de Wet BIG noodzakelijk is, staat steeds de patiëntveiligheid centraal. Is wettelijke regulering noodzakelijk om, één, de patiënt te beschermen en, twee, de kwaliteit van de beroepsuitoefening te borgen? De Wet BIG is daarbij geen middel om een beroep of het werk zelf meer erkenning te geven of financieringsproblematiek op te lossen. Bij de vraag of en hoe een beroep wordt gereguleerd, kijken we daarom steeds vanuit het perspectief van de patiënt en diens veiligheid. Onnodige regulering bevordert namelijk niet die veiligheid, maar zorgt juist voor beperkingen in de inzetbaarheid van zorgprofessionals, extra administratieve lasten en hogere kosten. We weten allemaal: met het groeiende tekort aan handen in de zorg is het nodig dat we zo veel mogelijk drempels wegnemen.
De Gezondheidsraad heeft in juni 2025 zijn advies uitgebracht over de toekomstbestendigheid van de Wet BIG. De raad onderschrijft het nee-tenzijprincipe en benadrukt dat de Wet BIG niet bedoeld is voor andere doelen, zoals het organiseren van taakherschikking tussen beroepen. Daarvoor bestaan namelijk andere instrumenten. Wat regelt het wetsvoorstel waar we het vandaag over hebben en wat verandert het ten opzichte van de huidige praktijk? Er zijn drie belangrijke hoofdlijnen. Ten eerste: gerichte regulering, waarbij we alleen reguleren als dat nodig is om de patiëntveiligheid te beschermen. Het nee-tenzijprincipe is daarbij het uitgangspunt. Ten tweede: het verbeteren van de consistentie van de Wet BIG. Daarom schrappen we ook artikel 36a van de Wet BIG. Dat artikel was bedoeld om taakherschikking te faciliteren, maar dat is niet het doel van deze wet. Ten derde: het versterken van het toetsingskader voor de toekomst door een onafhankelijke instantie, zoals ook geadviseerd door de Gezondheidsraad. Het Zorginstituut Nederland werkt aan een nieuw kader voor beroepenregulering, dat naar verwachting in het najaar van 2026 gereed is. Dit helpt ook om in de toekomst zorgvuldig en consistent te beoordelen of regulering noodzakelijk is.
Voorzitter. Tegen deze achtergrond ligt vandaag dit wetsvoorstel voor, dat een blanco advies van de Raad van State kreeg. Voor twee beroepsgroepen, de MHAZ, de medisch hulpverlener acute zorg, en de klinisch fysicus, was de besluitvorming over opname in de Wet BIG al geruime tijd in voorbereiding. Deze trajecten zijn gestart vóór de adviesaanvraag aan de Gezondheidsraad en worden met dit wetsvoorstel zorgvuldig afgerond binnen het bestaande kader. Waarom is dit belangrijk? Met dit wetsvoorstel borgen we dat alleen gekwalificeerde professionals deze titels mogen voeren. We regelen registratie in het BIG-register en brengen deze beroepsgroepen onder het publiek tuchtrecht. Daarmee beschermen we patiënten tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen. Tegelijkertijd blijven we trouw aan het uitgangspunt dat regulering niet verder mag gaan dan nodig is.
Voorzitter. Dit wetsvoorstel laat zien waar de Wet BIG voor bedoeld is, namelijk het beschermen van patiënten en het borgen van kwaliteit voor individuele beroepsuitoefening, niet meer en ook niet minder. De Wet BIG is niet bedoeld om een beroep te erkennen of beter de positioneren, maar juist om de patiënt te beschermen waar dat noodzakelijk is.
Voorzitter. Dan wilt u vast weten of ik nog blokjes heb. Ik heb er drie, waarvan één vrij uitgebreid en de rest, denk ik, heel kort. Ik begin met de klinisch fysicus, dan de medisch hulpverlener acute zorg en dan vragen rond buitenlands gediplomeerden.