Dat is een vraag waar ik toevallig in 2019 een initiatiefnota over heb geschreven. Die gaat over hoe we zouden kunnen sturen op een Schiphol dat meer dienstbaar is aan Nederland. Ik denk dat de logica van de hub op dit moment is — dat zit ook heel erg in het businessmodel van KLM — dat elke verbinding erbij per definitie heel belangrijk is voor de economische waarde van Schiphol en van Nederland. Je kan natuurlijk wel zeggen dat ook daar een optimum in zit. Bepaalde verbindingen zijn superbelangrijk, maar een verbinding naar een vrij unieke locatie waar maar 8% nationale passagiers op reist en voor de rest alleen maar overstappers, voegt wel heel veel schade toe, maar minder economische welvaart. Daar moet je een optimum in vinden. De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur heeft daar een heel goed rapport over geschreven in 2017, meen ik, getiteld Mainports voorbij. Ik denk dat die discussie en ook de wil van de politiek, van ons als Kamer en van deze minister, om daarop te sturen echt aan de basis hiervan liggen. Wij hebben met Schiphol natuurlijk een hub. Daarnaast heb je Frankfurt en Charles de Gaulle. Dat zijn drie grote internationale hubs op een steenworp afstand van elkaar, als je kijkt op de wereldkaart. Zou je in die hubs niet veel meer met elkaar kunnen samenwerken, zodat je elkaar niet altijd beconcurreert op bepaalde bestemmingen, maar misschien wel complementeert? Op die manier kan je denk ik veel meer gebruikmaken van Schiphol op een manier die waarde toevoegt, maar waarbij je toch zorgt voor minder vliegbewegingen.
Uitspraken Suzanne Kröger, 29 sep