Dank u wel, voorzitter. Afgelopen zomer bezocht ik samen met een aantal collega's Tsjaad en de grens met Sudan. Ik wil allereerst de Nederlandse vertegenwoordiging bedanken en ook de griffie voor het organiseren van het bezoek. Toen we daar waren, hebben we gezien wat de daadwerkelijke impact was van de oorlog. Het was wat mij betreft heel erg zichtbaar en ook voelbaar. We spraken met een gezin dat meer dan 300 kilometer had gelopen, op de vlucht voor het geweld en de genocide in Al-Fashir. We zagen mensen kilometers lopen, met het laatste beetje eigendom dat ze hadden op hun rug, onderweg naar een vluchtelingenkamp vanuit de grens. Sommigen die de vluchtelingenkampen niet bereikten, hebben met afval en takken zichzelf proberen te beschermen tegen de brandende zon en voor zichzelf een tijdelijk onderkomen gebouwd in een dor woestijngebied. Als we vroegen wat ze nodig hadden, was vrijwel altijd een van de eerste dingen die men zei: schoon drinkwater. Het meest basale om te kunnen overleven. Dat laat zien wat oorlog betekent. Mensen verliezen het meest kostbare in het leven: hun waardigheid. Mensen verliezen de allereerste levensbehoeften: water, voedsel, onderdak en veiligheid. In Sudan betreft het 14 miljoen mensen — 14 miljoen mensen die op de vlucht zijn voor geweld en oorlog. Het betreft 34 miljoen mensen die afhankelijk zijn van humanitaire hulp en 150.000 tot 400.000 mensen die slachtoffer zijn, die dood zijn door de oorlog.
We weten steeds beter hoe deze oorlog wordt voortgezet en gefinancierd. Naast de SAF en de RSF zijn er de zogenaamde externe actoren die vrede in Sudan in de weg zitten. Ik wil graag de minister bedanken voor het treffen van allerlei maatregelen en voor het feit dat Nederland zich inzet voor vrede. Sudan is een beleidsprioriteit voor dit kabinet. We stellen 18 miljoen beschikbaar voor het Sudan Humanitarian Fund. Daarmee zijn we na de VS de grootste donor. Ook stellen we 8,5 miljoen extra beschikbaar via de Dutch Relief Alliance. Naast al deze middelen zet dit kabinet zich in voor het aanpakken van financieringsbronnen van de oorlog, zoals goud en export, voor diplomatie, sancties, een wapenembargo, bescherming van mensen en hulpverleners, toegang van humanitaire hulp, gerechtigheid en vrede. Ondanks al deze maatregelen en bemiddelingen blijft deze oorlog voortduren. Vanuit de VN heeft er onlangs een fact-finding mission plaatsgevonden. De conclusies zijn daadwerkelijk shockerend. Op grote schaal worden er buitenlandse militanten ingezet. Er worden chemische wapens ontwikkeld en ingezet op burgers. Er worden drones gebruikt voor het vermoorden van burgers en het vernietigen van scholen, ziekenhuizen, drukbezochte markten en civiele infrastructuur. Humanitaire organisaties worden nog steeds niet toegelaten, wat de crisis verder versterkt. De missie constateert dat er aanwijzingen zijn voor oorlogsmisdaden, schendingen van het internationaal humanitair recht en misdaden tegen de menselijkheid. Straffeloosheid dreigt de norm te worden. Daarom mijn vraag aan de minister: wat is nou precies de voornaamste reden waarom deze oorlog voortduurt? Wat kan de minister méér doen om vrede te bevorderen?
We spreken externe actoren inmiddels al een lange tijd aan. We roepen hen op om hun financiële, logistieke en militaire steun aan de strijdende partijen te stoppen, maar de oorlog gaat gewoon door. Mijn vraag aan de minister is ook niet of hij hen nog een keer wil aanspreken. Mijn vraag is wat er gebeurt als zij niet luisteren. Kan de minister een escalatieladder schetsen richting staten, bedrijven en personen die deze oorlog blijven faciliteren?
De recente EU-maatregel rond goud laat zien dat je een oorlogseconomie het hardst raakt wanneer je de kritieke controlepunten in de keten weet te identificeren. Daarom vraag ik de minister waar het kabinet momenteel de grootste kennishiaten ziet over de grondstoffenhandel en financiële stromen die de oorlog in Sudan mogelijk maken. Is de minister bereid om zowel nationaal als in de EU aanvullend onderzoek te stimuleren naar deze kritieke controlepunten in de oorlogseconomie, zodat we gerichte nieuwe maatregelen kunnen ontwikkelen tegen de actoren, handelsketens en geldstromen die de oorlog in stand houden?
Voorzitter. Een wapenembargo ...
Uitspraken Mpanzu Bamenga, 10 sep