Wetgevingsoverleg · maandag 23 maart 2026
Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (36765) en Cyberbeveiligingswet (36764)
Dank, voorzitter. De digitale wereld krijgt een steeds grotere rol in onze samenleving. Belangrijke sectoren zoals zorg, onderwijs, energiebedrijven en noem maar op, kunnen niet meer zonder een goedwerkende en veilige digitale infrastructuur. Geopolitieke spanningen en het feit dat onze overheid volledig afhankelijk is van digitale netwerken, maken het invoeren van deze wetten urgenter dan ooit. Ons land wordt dagelijks geconfronteerd met hybride dreigingen en aanvallen.
Voorzitter. Een cyberaanval kan veel schade aanrichten bij bedrijven en kan daarmee ook onze economie en samenleving als geheel raken. Soms blijven de onlinewereld en de digitale infrastructuur abstracte begrippen, maar we hebben recent nog gezien welke gevolgen een hack bij bijvoorbeeld het bedrijf Odido kan hebben voor onze maatschappij. Dit is een voorbeeld van een zichtbare situatie, maar het overgrote deel wordt tijdig tegengehouden of bereikt nooit het publieke oog.
Voorzitter. Mijn fractie hoopt dat Nederland en Europa met deze wetten de digitale en fysieke weerbaarheid van belangrijke sectoren tegen cyberaanvallen versterken. Wat de VVD betreft treden ze zo snel mogelijk in werking. Toch heb ik daarover mijn eerste vraag aan de minister. Waarom heeft de implementatie van deze twee wetten daadwerkelijk zo lang geduurd? Welke gevolgen heeft deze vertraging gehad voor onze cyberveiligheid en onze bedrijven? Hebben er zich in de tussentijd situaties voorgedaan die ons hebben laten inzien dat er al extra stappen nodig zouden moeten zijn boven op de bestaande wetten die we op dit moment bespreken? Ik wil in mijn bijdrage graag de volgende drie punten maken: duidelijkheid voor ondernemers, de evaluatieperiode en het inrichten van registratieloketten.
Mijn eerste punt is de duidelijkheid voor ondernemers. Het beschermen van onze bedrijven is ontzettend belangrijk en dat betekent dat we ook de wetgeving moeten aanpassen, processen anders moeten inrichten en, als het tegenzit, de regels voor ondernemers mogelijk complexer moeten maken. Wat de VVD betreft is het vooral belangrijk dat het voor ondernemers helder is op welke manier zij met deze nieuwe extra handelingen kunnen bijdragen aan het grote collectief, namelijk de veiligheid van ons land. Het moet daadwerkelijk geen papieren tijger worden. Mijn vraag aan de minister is dan ook hoe we deze bedrijven en ondernemers meenemen in het belang hiervan. Dat is hier ook al eerder genoemd. Vooral de wat kleinere bedrijven gaan toch een wat zwaardere rol spelen in het grote geheel. Hoe maken we die bedrijven duidelijk dat ook zij essentieel zijn in deze uitdaging? Waar wordt bijvoorbeeld hun feedback op dit proces en op de implementatie van deze wetten daadwerkelijk verzameld? Hoe gaan we ervoor zorgen dat zij gehoord worden?
Daarnaast heb ik een vraag over de bedrijven die in meerdere sectoren actief zijn. Voor hen is het nu niet altijd duidelijk onder welke regels binnen de Cyberbeveiligingswet zij precies vallen. Kunnen de sectordefinities verduidelijkt worden, zodat ondernemers beter weten waar ze aan toe zijn? Tot slot op dit punt vraag ik hoe bestuurders worden geïnformeerd over al de te nemen stappen voor zowel de meldplicht, de zorgplicht en de registratieplicht. Hoe worden zij hierover geïnformeerd? Hoe voorkomt het kabinet dat bestuurders onnodig in de problemen komen, omdat zij per ongeluk een verplichting missen? Dat is mij niet helemaal duidelijk. Misschien kan de minister hier nog een toelichting op geven.
Dan kom ik op de evaluatieperiode. Daarover is al eerder een interruptiedebatje gegaan. Ik sluit me aan bij de zorgen van de heer Van den Berg dat de termijn van vijf jaar te lang is. De wetsvoorstellen worden namelijk na vijf jaar geëvalueerd. De minister heeft al eerder naar aanleiding van het advies van het ATR aangegeven dat een evaluatie na één jaar te vroeg zou zijn voor een zorgvuldige evaluatie. Ik wil de minister vragen hoe er toch eerder dan pas na vijf jaar een evaluatie zou kunnen worden uitgevoerd met de argumentatie die de heer Van den Berg hier al heeft aangevoerd, namelijk dat we worden ingehaald door de dagelijkse realiteit. Mijn fractie voelt veel voor een evaluatietermijn van twee jaar.
Dan het inrichten van het registratieloket. Zoals ik al eerder heb aangegeven, wil ik benadrukken dat deze wetten er toch wel echt snel moeten komen. Het moment lijkt nu dan toch eindelijk daar. Er zal ook zorgvuldig moeten worden gekeken naar het inrichten van bijvoorbeeld het registratieloket voor ondernemers. De registratieplicht verplicht organisaties om zich in te schrijven bij een nationaal register. Hier is echter nog veel onduidelijkheid over. Dat is ook de feedback die wij van veel bedrijven hebben ontvangen. Wat kan deze minister doen om informatie over dit loket dan ook zo snel mogelijk te delen met ondernemers, zodat ondernemers goed weten waar ze aan toe zijn en ze ook zo snel mogelijk de eerste stappen van de voorbereiding kunnen zetten?
Voorzitter. De VVD is blij met de wetten. Het beveiligen van systemen is urgenter dan ooit en vraagt dan ook om goede wetgeving. Dank u wel.