Wetgevingsoverleg · maandag 23 maart 2026
Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (36765) en Cyberbeveiligingswet (36764)
Daniël van den Berg
JA21
Allereerst dank voor de kans om een slok water te nemen. Ik ben het wel met mevrouw Zwinkels eens dat je dat niet te frequent moet doen, maar feit is wel dat het Adviescollege toetsing regeldruk niet voor niets heeft geadviseerd eerst met zo'n invoeringstoets te beginnen. Dat is eigenlijk de eerste check, zo van: is dit nou goed gegaan en pakt de wet uit zoals we beoogd hebben? Daarna kan er natuurlijk een evaluatietermijn komen die terugkerend en langer is. Maar specifiek voor de Cyberbeveiligingswet: vijf jaar? Vijf jaar geleden hadden we nog niet eens ChatGPT en vijf jaar vanaf nu is er wellicht al kwantumtechnologie. In dat perspectief denk ik dat vijf jaar veel te lang is. In die zin zou een evaluatietermijn van twee jaar een eerste stap zijn. Als blijkt dat dat te frequent is, kunnen we dat altijd nog bij zo'n evaluatietermijn weer verlengen.
Ik ben het helemaal eens met het laatste punt van mevrouw Zwinkels over het synchroniseren van die termijnen. Juist omdat we het hier vandaag samen behandelen en die wetten ook zo veel samenhang hebben — denk bijvoorbeeld aan die meld- en zorgplicht en aan het feit dat als je kritiek bent voor de ene wet, je essentieel bent voor de andere — denk ik: er zit zo veel overlap in, dus synchroniseer dat inderdaad. Daar heb ik ook een amendement voor. Ik denk dat dit uiteindelijk ook goed zou zijn voor het wetgevingsproces hier omdat het sneller gaat en omdat het doel van de wet, namelijk weerbaarheid in de maatschappij, verder wordt ondersteund.