Naar de inhoud
Uitspraken Daniël van den Berg, 23 mrt
Wetgevingsoverleg · maandag 23 maart 2026

Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (36765) en Cyberbeveiligingswet (36764)

Dank, voorzitter, minister en alle aanwezigen, fysiek en digitaal. Het is goed dat de Cyberbeveiligingswet en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten vandaag op de agenda staan. Cyberbeveiliging en een weerbare maatschappij zijn tenslotte zeer belangrijk. Vandaag behandelen wij de implementatie van de Network and Information Security Directive 2, die eigenlijk al in 2024 geïmplementeerd had moeten worden. Het is duidelijk dat we deze termijn niet hebben gehaald. Hoewel deze wetten nauw met elkaar verbonden zijn, richten zij zich op verschillende terreinen en hebben zij een andere uitwerking. De Cyberbeveiligingswet richt zich voornamelijk op de digitale veiligheid en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten ziet op de fysieke weerbaarheid. Als je beide wetten inhoudelijk bekijkt, wordt al snel duidelijk dat grove verschillen zichtbaar zijn. De Cyberbeveiligingswet noemt specifiek de CSIRT's, de Computer Security Incident Response Teams, voor bijstand bij incidenten. In de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten wordt daarentegen geen specifiek fysiek Incident Response Team benoemd, maar ligt de nadruk op ondersteuning door de vakminister, terwijl de minister van Justitie en Veiligheid als centraal contactpunt de nationale en internationale coördinatie verzorgt. Ook wat betreft de meldplicht lijkt de Cyberbeveiligingswet strikter. Om aan de meldplicht te voldoen, wordt de melder geacht vier fasen te doorlopen, in tegenstelling tot de meldplicht in de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten, die slechts bestaat uit twee fasen. Eveneens ontbreekt in de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten de bestuurlijke trainingsverplichting in zijn geheel. Dit zijn pas enkele verschillen. Of de wetten dan ook gezamenlijk besproken hadden moeten worden, gezien de complexiteit, blijft de vraag. Voorzitter. Nederland heeft belang bij heldere en goed werkende wetgeving. Deze twee wetten, die nu en in de toekomst van groot belang zullen zijn, moeten niet onderschat worden. Ondanks dat vele entiteiten duidelijkheid willen en behoefte hebben aan een snelle implementatie vinden wij dat implementatie pas verantwoord is zodra alle onduidelijkheden zijn weggenomen, zodat entiteiten daadwerkelijk weten waar zij aan toe zijn. Daarbij is het zo dat nog niet alle bedrijven zijn benoemd als belangrijke, essentiële of kritieke entiteit. Hoewel de entiteiten worden ondergebracht in een van de drie soorten entiteiten en de desbetreffende sector daarbij leidend is, zijn sommige entiteiten nog niet aangewezen. Als belangrijke of essentiële diensten zijn bijvoorbeeld wel de drinkwatersector en de vervoersector aangewezen. Deze sectoren worden beschermd tegen ontwrichting. Als kritieke entiteiten zijn onder andere de gassector, elektriciteitssector en de oliesector aangewezen. Deze sectoren moeten beschermd worden tegen sabotage, natuurrampen en terroristische misdrijven. De wetten zijn al een aan aantal reparaties onderworpen geweest, laten we de wetgeving dan ook pas implementeren als deze echt gereed is. Net zoals de minister de belangrijke zaken vaak in blokjes bespreekt, zal ik ook vandaag in blokjes de punten afgaan. Voorzitter. Het eerste blokje betreft de bestuurlijke boete. Dit is mijn eerste punt. De minister geeft in de schriftelijke beantwoording aan dat de hoogte van de maximale boetes voortvloeit uit de NIS2-richtlijn en dat bij de toepassing daarvan het evenredigheidsbeginsel uit de Algemene wet bestuursrecht leidend is. Maar juist op dat punt blijft voor mijn fractie een belangrijke vraag liggen. Het gaat hier namelijk om zeer substantiële bedragen; boetes kunnen oplopen tot wel 7 à 10 miljoen euro of zelfs tot 2% van de omzet — dus niet van de winst, maar van de omzet. Dat zijn bedragen die in absolute zin voor elke organisatie groot zijn, maar die in relatieve zin heel verschillend kunnen uitpakken. Ondanks het feit dat microbedrijven en kleine bedrijven buiten het toepassingsbereik van de Cyberbeveiligingswet vallen, blijft er bij JA21 zorg bestaan voor de middelgrote ondernemingen. Voor de mensen thuis: dit zijn dus entiteiten met 50-plus werknemers en bedrijven die jaarlijks meer dan 10 miljoen euro aan omzet genereren. Om het concreet te maken: een onderneming met een omzet van 100 miljoen euro wordt door een boete van bijvoorbeeld 7 miljoen euro relatief zwaarder geraakt dan een onderneming met een omzet van 500 miljoen euro. In dat laatste geval is de financiële impact beperkter in verhouding tot de schaal van de organisatie. In tegenstelling tot de Cyberbeveiligingswet kan dit in de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten ook kleinere kritieke entiteiten omvatten omdat het toepassingsbereik gebaseerd is op het belang van de entiteit voor de fysieke infrastructuur, ongeacht de omvang van de organisatie. Dat verschil in reikwijdte maakt het extra belangrijk om helder te hebben hoe de boetes en de handhavingspraktijk proportioneel en effectief worden toegepast.

In hetzelfde debat

16 andere bijdragen
Barbara Kathmann GroenLinks-PvdADank u wel, voorzitter. Veiligheid, weerbaarheid, het toverwoord "cyber": het is het heetste onderwerp in de politiek — eindelijk, zou ik willen zeggen. Een onzekere wereld dwingt tot actie, en maar goed ook, want het de… Barbara Kathmann GroenLinks-PvdANee, de cyberveiligheid van Nederland, waar deze wetten een hoop voor gaan doen, is echt ongelofelijk belangrijk. Daar moet urgentie voor zijn en dat moeten we gewoon zo snel mogelijk met elkaar willen doen. Ik ben heel … Barbara Kathmann GroenLinks-PvdAJa, dat heb ik zeker. Dat is zeker zo als wij als Tweede Kamer onze controlerende taak beter kunnen borgen. Dat vind ik echt heel belangrijk. Ik ga het zo even hebben over de interventiebevoegdheid. Daar wil ik gewoon me… Barbara Kathmann GroenLinks-PvdAIn die lagere regelgeving staat iets heel zwaars. Het gaat om de interventiebevoegdheid, oftewel om artikel 18 van het Cyberbeveiligingsbesluit en artikel 13 van het Besluit weerbaarheid kritieke entiteiten. Dit is een u… Barbara Kathmann GroenLinks-PvdAJa, dat zou een goede aanpak zijn. Ik ga zo met heel veel enthousiasme naar uw amendement kijken. Ik heb op dat terrein wat vragen overgeslagen om tijd te winnen, maar die lopen we nu gewoon weer in. Ik ga dus zeker met … Barbara Kathmann GroenLinks-PvdAOok onmisbaar in ons informatielandschap zijn de gegevens die publiek-privaat worden gedeeld. Hoewel we trots kunnen zijn op alle bedrijven die hun kostbare gegevens nu al met autoriteiten delen, past het niet dat we voo… Barbara Kathmann GroenLinks-PvdAOok ik wil in de eerste plaats de minister van harte danken voor de zorgvuldige beantwoording. Het is inderdaad heel helder op welke lijn de minister zit. Ik heb nog wel een aantal moties. De eerste betreft dossiernummer… Barbara Kathmann GroenLinks-PvdADeze motie wil ik mogelijk aanhouden of intrekken, want de minister heeft hier een uitgebreide toezegging over gedaan. Alleen wil ik wel weten of die toezegging echt is bedoeld inclusief alle meldmogelijkheden die nu al … Claire Martens-America VVDDank, voorzitter. De digitale wereld krijgt een steeds grotere rol in onze samenleving. Belangrijke sectoren zoals zorg, onderwijs, energiebedrijven en noem maar op, kunnen niet meer zonder een goedwerkende en veilige di… Claire Martens-America VVDDank, voorzitter. Dank aan de minister. Wij zijn blij met de toezeggingen met betrekking tot de evaluatietermijn, dat er nu dus gekeken gaat worden naar twee jaar. Dank voor de beantwoording.… Daniël van den Berg JA21Ik snap dat punt van zorg, maar het gaat in deze wet alleen over een boete die is gebaseerd op de omzet en niet op de winst. Daar wordt dus inderdaad geen rekening mee gehouden. Om het te illustreren het volgende. Stel d… Daniël van den Berg JA21Zoals ik al zei, ben ik het daarmee eens. Ik heb daartoe een amendement in voorbereiding dat zegt dat je dat proportionele aspect moet afwegen bij het bedrijf: hoe staat het bedrijf ervoor en heeft het al eerder overtred… Daniël van den Berg JA21In omliggende landen — denk aan Frankrijk, Estland, Duitsland en België — waar het wetsvoorstel reeds is geïmplementeerd of zich nog in de implementatiefase bevindt, valt op dat dezelfde maxima worden gehanteerd, maar da… Daniël van den Berg JA21Allereerst dank voor de kans om een slok water te nemen. Ik ben het wel met mevrouw Zwinkels eens dat je dat niet te frequent moet doen, maar feit is wel dat het Adviescollege toetsing regeldruk niet voor niets heeft gea… Daniël van den Berg JA21Nogmaals dank. Voor de overheid gaat het om een structureel bedrag dat oploopt tot circa 82,8 miljoen euro per jaar vanaf 2028, verdeeld over meerdere ministeries, voor onder andere toezicht, het centrale contactpunt en … Daniël van den Berg JA21Nee, we zijn nu toch bezig, voorzitter. Allereerst dank aan de minister voor alle uitleg en de toelichting op alle gestelde vragen. Het waren er inderdaad behoorlijk veel. Het is ook fijn om in dit debat een keer met min…