Commissiedebat · donderdag 18 juni 2026
Staatsdeelnemingen
Eelco Eerenberg
staatssecretaris van Financiën
Voorzitter, dank u wel. Ik heb drie onderwerpen: de Nederlandse Loterij en een blokje divers, waarin Holland Casino en de vliegtaks in zitten. Het zijn dus misschien wel drie blokjes. Misschien ter introductie even iets algemeens over gokken, omdat ik daarmee een hele hoop van uw vragen in het goede kader kan zetten. U weet dat het kabinet zeer kritisch is op de maatschappelijke kosten van gokken. Dat beleidsterrein zit uiteraard bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, staatssecretaris Van Bruggen, dus ik ga iets zeggen wat u herkent uit de woorden daarnet van de minister. Ik zit hier in een andere rol. Als kabinet zijn wij daar dus buitengewoon kritisch op. Die kritische houding betekent overigens dat onderdeel daarvan ook is dat je kijkt hoe je ervoor kan zorgen dat er een gereguleerd en legaal alternatief is om erger te voorkomen.
Ik dacht "daar ga ik allemaal mooie dingen over zeggen, die dan een bruggetje zijn naar vragen over eigenaarschap", maar kortheidshalve kan ik zeggen dat alles wat het CDA daarover zei, eigenlijk een perfecte samenvatting was. Het is precies die balans tussen maatschappelijk het juiste doen, zakelijk daarnaar kijken en je dan de vraag stellen of eigenaarschap noodzakelijk is om dat te bereiken, ja of nee. Tegelijkertijd is verkoop ook weer geen doel op zich. Je moet het dus vanuit een zakelijke redenering bekijken. Voor het kabinet en ook voor mij persoonlijk is het zeer belangrijk dat als je de vragen over privatisering gaat beantwoorden, de waarborgen voor alle maatschappelijke vraagstukken rondom gokken goed op orde zijn. Daarom is het onderzoek waar we naar kijken gestoeld op twee vragen.
Voorzitter. Daarmee kom ik eigenlijk bij de vragen die gesteld zijn over de NLO, de Nederlandse Loterijorganisatie. Is dit het goede moment voor verkoop? Zo ja, onder welke condities wil je dat dan doen: geheel, gedeeltelijk of misschien ook wel niet? Dat laatste kan er namelijk bij een onderzoek uiteindelijk ook nog uitkomen. U merkt aan mijn opbouw en u heeft ook in de brief gezien dat ook wij ons de vraag stellen: is het nou wel nodig om eigenaar te blijven en blijft het publieke belang dan wel gewaarborgd? Dat onderzoek moeten we toch echt zorgvuldig doen. We gaan geen nieuwe dingen doen. We gaan dat onderzoek stoelen op het onderzoek van 2023. Overigens was een van de conclusies uit 2023 — dat is altijd de mooiste conclusie van een onderzoek — dat er wat nader onderzoek gedaan moet worden, dus dat gaan we met dit onderzoek ook doen. Dat gaan we wat mij betreft echt snel en daadkrachtig doen, maar ik moet het ook zorgvuldig doen vanuit de maatschappelijke belangen die ik u net schetste. Dat betekent dus ook: samen met staatssecretaris Van Bruggen.
U zegt dan: "Einde jaar? Poeh, kan dat niet sneller? Kan dat niet naar de herfst?" Nou, mijn kinderen worden in de herfst al een beetje zenuwachtig voor sinterklaas, dat toch een soort eindejaarsfeest is. Volgens mij ligt dit relatief dicht bij elkaar. We gaan dus doorwerken. We gaan geen dingen dubbel doen. We hebben ambitie, maar we zijn ook zorgvuldig. Als het eerder klaar is, is het eerder klaar, maar het is nog wel een taai vraagstuk en ik denk — laten we het maar gewoon bij het sinterklaasthema houden — dat u het ongetwijfeld aan het begin van december tegemoet kunt zien.
Voorzitter. Daarmee heb ik ook de vraag van JA21, van de heer Hoogeveen, beantwoord over wat er nou in dat onderzoek van 2023 zat en hoe we daarnaar kijken. We gaan daarop voortbouwen, maar we gaan het ook relateren aan gewijzigde omstandigheden, onder andere aan het nieuwe beleid waarover u de contourenbrief van de staatssecretaris heeft ontvangen; dat was vorige week, uit mijn hoofd.
Mevrouw Van Dijk van het CDA vroeg: is de afdracht aan al die goede doelen ook onderdeel van het onderzoek? Het korte antwoord is ja. Wij vinden dat een zeer belangrijk onderdeel van hoe wij het in Nederland georganiseerd hebben. Een van de vragen die wat mij betreft dus nadrukkelijk aan de orde komt, is hoe je de maatschappelijke rol die de Loterijorganisatie heeft in haar afdracht aan allerlei goede doelen, kunt borgen in de vragen die wij rondom het eigenaarschap te beantwoorden hebben. De suggestie van mevrouw Van Dijk om bijvoorbeeld naar een revolverend fonds te gaan, vind ik een creatief en interessant idee, maar dat moeten we ook echt in het proces van dat onderzoek zetten. Het is dus prematuur om hier nu te zeggen "laten we dat doen" of "laten we dat niet doen", maar het zou een vorm kunnen zijn waar je uiteindelijk op landt. Dat hoort u dan toch echt aan het einde van het jaar.