Plenair debat · donderdag 11 juni 2026
de Staat van de Europese Unie
Bert-Jan Ruissen
EP/SGP · lid Europees Parlement
Dank u wel, voorzitter. "Ik wil een paard, een iPhone, een grotere kamer." U kent ze vast, die onrealistische verlanglijstjes van een kind. Maar als ouder weet je wel beter. Ik moet daar vaak aan denken als ik kijk naar het wensenlijstje van de Commissie-Von der Leyen. Ik deel deze op in twee b's: budget en bevoegdheden. Ten eerste het budget. De voorstellen voor de meerjarenbegroting 2028 tot 2034: 2.000 miljard euro. Het coronafonds even buiten beschouwing latend — dat was immers iets eenmaligs — spreken we daarmee over een stijging van 66% ten opzichte van het huidige MFK. Onaanvaardbaar. Alle reden voor een veto wat mij betreft, temeer omdat er wel heel veel lucht in deze begrotingsvoorstellen zit. Miljarden voor zaken waar de EU helemaal niet over gaat: sociaal beleid, huisvesting, cultuur. Daar kan zo een streep doorheen. Of wat dacht u van de cohesiefondsen, onderdeel van de NRPP straks? Daar kan zo 50% vanaf. Uiteraard is er geld nodig voor nieuwe prioriteiten als grensbewaking en defensie, en voor klassieke prioriteiten als landbouw en visserij. Maar begroten betekent vooral ook keuzes maken, en dat besef is eerlijk gezegd in Brussel nog onvoldoende aanwezig.
De Brusselse verlangens gaan ook door het dak rond de bevoegdheden, mijn andere b. Ik noemde al de bemoeienis met sociaal beleid en met huisvesting; zeer discutabel. Maar wat ons ook zorgen baart, is de bemoeienis van Brussel met het familierecht en ethische kwesties. Er zijn gelukkig nog landen die hechten aan klassieke christelijke waarden, die zeer terecht abortus afwijzen bijvoorbeeld. Zij dreigen nu overruled te worden door Brussel. Zeer kwalijk.
Voorzitter. Ter compensatie hef ik vandaag twee andere b's op het schild, namelijk die van bescheidenheid en barmhartigheid. Bescheidenheid rond geld en competenties, maar zeker ook rond regeldruk. Ik noem het pulsverbod en de aanlandplicht in het visserijbeleid, de Nitraatrichtlijn die onvoldoende ruimte laat voor maatwerk bij de aanwending van dierlijke mest en de Habitatrichtlijn, met onrealistische bepalingen rond natuurdoelen. Het zijn allemaal voorbeelden van doorgeslagen wetgeving. Ik noem heel bewust deze onderwerpen omdat ze alle drie dit jaar zijn of worden geëvalueerd. Mijn oproep aan het kabinet is daarom: grijp deze evaluaties aan om de Commissie maximaal onder druk te zetten, zo snel mogelijk met herzieningsvoorstellen te komen en zo een einde te maken aan onwerkbare regels. Hoedt u ondertussen voor nationale koppen. De Nederlandse invulling van de genoemde richtlijnen is onnodig streng en complex.
Over barmhartigheid gesproken: dan denk ik aan de vervolgde christenen. Ik zag steun van het kabinet voor de nieuwe EU-gezant voor godsdienstvrijheid. Heel goed. Maar ik denk ook aan de Joodse gemeenschappen in Europa. Zij vragen echt niet om een grote, mega-Europese begroting. Eenvoudigweg vragen zij om een gerespecteerde plek in onze samenleving en een veilige omgeving voor Joodse studenten. Het is toch diep triest dat veel universiteiten die niet meer weten te bieden, maar wel volop podium geven aan Hamassympathisanten? Waarom draaien we de geldkraan, vanuit Horizon bijvoorbeeld, niet gewoon dicht richting universiteiten die te weinig aan antisemitismebestrijding doen? Reken maar dat ze daar gevoelig voor zijn.
Voorzitter. Ik rond af. In april was het precies 75 jaar geleden dat Nederland het EGKS-Verdrag sloot. Na 75 jaar is het hoog tijd voor Europa om volwassen te worden. Weg met onrealistische verlanglijstjes. Neem verantwoordelijkheid.
Dank u wel.