Ik zou toch eerst willen ingaan op de eerste opmerking van mevrouw Keijzer, "je kunt ook denken: waar bemoeit Brussel zich allemaal mee?", in reactie op mijn verhaal over de Industrial Accelerator Act. Ik denk dat het zou helpen als wij hier allemaal inzien dat wat er op dit moment in de wereld gebeurt met staatssteun voor industrieën in China, in de VS en op andere plekken en met deregulering, echt oneerlijke concurrentie is voor onze bedrijven. Het is heel belangrijk dat de EU daar gezamenlijk een antwoord op heeft. Dat gaan wij als Nederland nooit in ons eentje redden. Dit gaat dus nogal ergens over; dit gaat over onze economische toekomst. Het is niet "wat wil de VVD daarvoor terug?", het is cruciaal om voor de Nederland op te komen. Dat is één.
Dan kom ik bij het tweede. Ik ga het kort proberen te houden, voorzitter. Ik ben het ermee eens dat Brussel soms een olietanker kan zijn. Ik heb dat net ook al aangegeven. Er zijn soms veel te veel bureaucratische regels gemaakt die niet werken voor ondernemers, voor mensen. Het is daarom goed dat er nu aan die omnibussen gewerkt wordt en dat we dereguleren. De VVD is daar voorstander van. Ik noem een voorbeeld. Als jij een fabriek maakt die er uiteindelijk voor kan zorgen dat er stikstofvermindering is maar het bouwen van die fabriek tijdelijk tot meer uitstoot leidt, dan kan je door de Brusselse regels die fabriek niet bouwen. Ik ben het meteen met mevrouw Keijzer eens dat we dat soort dingen moeten aanpakken. Tegelijkertijd hebben we wel regelgeving met elkaar. Die is er niet voor niets. Dat in een keer allemaal wegwuiven door te zeggen "waar bemoeit Brussel zich allemaal mee", doet tekort aan wat er daadwerkelijk gebeurt.
Uitspraken Bente Becker, 11 jun