Voorzitter, dank u wel. Een fundering zie je haast niet. Je koopt een huis, je kijkt naar de keuken, je kijkt naar de buurt, maar je weet niet wat er onder het huis zit. Voor veel kopers blijft dat ook onzichtbaar, tot het moment dat je huis verzakt, de deuren gaan klemmen en er scheuren in de muur verschijnen. Dat is precies wat dit dossier zo ongemakkelijk maakt. 425.000 huizen krijgen de komende jaren met funderingsschade te maken en binnen 25 jaar kan het aantal zelfs oplopen tot 780.000; andere collega's zeiden het ook al.
Een huis moet niet alleen een fijne plek zijn om te wonen, maar ook een veilige plek zijn om te wonen en de fundering is de basis, dus die moet stevig zijn. Als die basis verzwakt, ontstaan er problemen. Boven de grond kunnen scheuren ontstaan, verzakkingen plaatsvinden of kan er zelfs instortingsgevaar zijn. De VVD vindt dat er tijdig ingegrepen moet worden, aangezien dit de leefbaarheid van woningen sterk onder druk kan zetten en de sociale impact op de levens van mensen enorm groot kan zijn. Om die reden ziet de VVD graag een doelgerichte aanpak die leidt tot resultaten. Ik zie dan ook graag een overheid die ervoor zorgt dat mensen weten waar ze aan toe zijn, die aanstuurt op tijdig handelen en die ook laat zien dat de markt werkt.
Voorzitter. De VVD maakt zich om die reden een beetje zorgen over de bureaucratische opzet van de huidige aanpak. Ik zie namelijk een aanpak met thematische werkgroepen, gebiedsgerichte overleggen, brede bestuurlijke tafels, informele tafels en een communicatienetwerk van bijna 50 partijen. Dat zijn ontzettend veel tafels, maar ondertussen gaat er van de 56 miljoen euro maar 4 miljoen naar uitvoeringskracht, terwijl de minister juist aangeeft dat ze stapsgewijs wil opschalen. Ik wil de minister dan ook vragen hoe zij voorkomt dat al die overleggen uiteindelijk ten koste gaan van de uitvoering, want daar willen we denk ik, ook als ik mijn collega's beluister, met z'n allen stappen in zetten. Ik wil de minister dan ook vragen welke instrumenten zij op dit moment inzet. De resultaten blijven namelijk achter. Een overleg is mooi, maar is natuurlijk nog geen resultaat.
Voorzitter. De verdeling van de 56 miljoen valt bij nadere beschouwing een beetje tegen. Zeker nu er 20 miljoen aan het Fonds Duurzaam Funderingsherstel is toegevoegd, is het voor de VVD van belang dat de middelen ook daadwerkelijk bijdragen aan het oplossen van de funderingsschade. Immers, slechts een beperkt deel van het nieuwe geld gaat naar directe ondersteuning van woningeigenaren. Er gaat veel te veel geld naar het proces en veel te weinig naar het herstel. Ik wil de minister vragen welk deel van het geld uiteindelijk landt bij mensen met problemen in hun huis en welk deel bij het proces eromheen. Hoe maakt de minister de komende jaren transparant hoe de verhouding tussen proceskosten en directe uitgaven zich ontwikkelt, zodat de Kamer ook kan beoordelen of het geld daadwerkelijk terechtkomt waar de schade zit?
Voorzitter. Funderingsschade heeft niet één oorzaak. Het gaat om een samenspel van het type fundering, de bodem en ook veranderingen in de omgeving eromheen, zoals schommelende grondwaterstanden en droogte; mijn collega's hebben het zojuist ook al gezegd. Houten palen op veen vragen om een andere aanpak dan ondiepe funderingen op klei in het rivierengebied. De problematiek is dus per plek verschillend en dat maakt een eenduidige aanpak lastig. Dat zien we ook terug in het onderzoek van TwynstraGudde, dat aangeeft dat de situatie momenteel sterk versnipperd is: de uitvoering is ad hoc georganiseerd en afhankelijk van lokale betrokkenheid en capaciteit. Maar enkele gemeenten hebben wél een serieuze aanpak en hoewel funderingsproblematiek vaak locatiegebonden is, hoeft niet elke kleine gemeente zelf het wiel uit te vinden. De oplossing kan verschillen per plek, maar de ervaring die gemeenten hierbij opdoen is natuurlijk breder inzetbaar.
De minister heeft een goede stap gezet door enkele gemeenten met een gevorderde aanpak als leergebied aan te wijzen. Echter, alleen leren is geen doel op zich. Hoe gaat de minister de versnippering doorbreken? Hoe wordt ervoor gezorgd dat kleinere gemeenten daadwerkelijk iets hebben aan wat er in de zes leergebieden gebeurt?
Uitspraken Jurgen Nobel, 10 sep