Nou, voorzitter, dat is fijn. Dan kan ik namelijk ook wat langzamer spreken.
Zonder gekkigheid: goedenavond. Tijdens de Raad Algemene Zaken gaat de soap die het MFK heet door. Nederland is al jarenlang een van de grootste nettobetalers in de Europese Unie. Verdere groei van de EU-begroting betekent dat Nederlandse huishoudens en bedrijven uiteindelijk opnieuw de rekening zullen moeten betalen, zij het via hogere afdrachten, zij het via nieuwe eigen middelen, oftewel EU-belastingen.
In het schriftelijk overleg van begin deze maand beaamde het kabinet mijn kritiek op de grote omvang van het voorstel voor het MFK van de Europese Commissie en de nog grotere omvang van het voorstel van het Europees Parlement. Het kabinet zegt in zijn reactie dat de voorgestelde omvang moet worden verlaagd, dat de korting die Nederland ontvangt op de bni-afdracht behouden moet blijven en dat de perceptiekostenvergoeding op 25% dient te blijven. Kan de minister toezeggen dat Nederland niet akkoord gaat met een onderhandelingsmandaat waarin deze rode lijnen onvoldoende zijn opgenomen?
Het kabinet ontweek behendig wat vragen over of het de truc van de extra hoge inzet uit Brussel doorziet als onderhandelingstactiek. Daarom heb ik de volgende vragen. Gaat de minister ervan uit dat het Commissievoorstel het vertrekpunt wordt van de onderhandelingen, of zet de minister in op een Raadspositie die daar substantieel onder ligt? Deelt de minister de stelling dat een nog hogere inzet vanuit het Europees Parlement de druk op de Raad vergroot om uiteindelijk uit te komen op een compromis ergens in het midden, dat alsnog veel te hoog is? Hoe gaat het kabinet hiertegen ageren?
Voorzitter. Het Europees Parlement wil ook het gebruik van prestatiegerichte Europese financiering gaan beperken. Dat betekent volgens mij gewoon minder controle en minder verantwoording, zodat men minder in de problemen kan komen, en dat na het coronaherstelfonds, dat een vergissing van historische proporties is gebleken. Collega Bente Becker refereerde er al aan dat de Spaanse Rekenkamer vorige week bekendmaakte dat de pensioenen van ambtenaren zouden zijn betaald met dit fonds. Spanje is met bijna 80 miljard euro de op-een-na grootste ontvanger van dit fonds, waarmee onder andere verbindingswegen, pistes en skiliften in de Aragonese Pyreneeën werden gefinancierd. Het zijn allemaal eurobonds met leningen en gigantische rentelasten die uiteindelijk ook weer voor rekening van Nederland komen. We hebben niet minder, maar heel veel meer audits en controlemechanismes nodig op dit soort financiering. Kan de minister toezeggen zich in Europees verband hard te maken voor betere controles op de uitgaven van andere landen? Erkent de minister dat het coronaherstelfonds een vergissing is geweest en wat Nederland betreft nooit meer mag worden opgetuigd? De budgettaire duimschroeven moeten juist worden aangedraaid. Zeker ook gezien de macro-economische ontwikkelingen is er een noodzaak voor lagere publieke uitgaven. Daar hoort de EU ook bij.
Uitspraken Michiel Hoogeveen, 19 mei