Commissiedebat · woensdag 1 juli 2026
Bouwregelgeving
Elanor Boekholt-O'Sullivan
minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening
Als ik mevrouw Steen hoor praten, dan kan ik niet anders dan aan mijn oma denken — ze leeft niet meer — die al haar breiwerk en al haar knutselwerk het liefste in de gang als een soort tentoonstelling voor de rest van de gang tentoonspreidde. Als ik op de gang kwam, wist ik altijd al dat ik op de goede gang zat, want het was mijn oma die alles deelde. Ik heb hierover gisteren ook nog binnen het departement gevraagd: hoe zit dat nou? We hebben allemaal wel een oma, een opa of iemand die we kennen. Dan lopen we door die gangen en die zijn inmiddels zo kaal. Mensen zouden daar graag wat meer ophangen. Ik heb dus in aanloop naar dit debat ook een hoop berichten gekregen via social media: wilt u eens een keer bij ons komen kijken, want dan ziet u wat wij allemaal niet meer mogen? Mijn inzet is dat het veilig moet zijn voor deze mensen, want ik heb het liefst dat mijn oma — die leeft nu niet meer, maar toen ze nog wel leefde — door die gang naar de nooduitgang kon op het moment dat dat zou moeten. Ik ben er echt wel van overtuigd dat dat prioriteit behoeft. Tegelijkertijd kan het ook niet zo zijn dat je dan helemaal niks meer mag op zo'n gang. Ik weet niet of u nog ergens een plekje in uw agenda heeft om met mij een werkbezoek af te leggen, en dan met de brandweer en met de zorginstelling, zodat we gewoon eens even gaan kijken of we daar met een beetje common sense wat kennis over kunnen opdoen en dat ik daar dan op een later moment weer bij u op terug kan komen.