Dank, voorzitter. Als je de laatste spreker bent, met zo veel sprekers, dan weet je al haast dat elk onderwerp al een keer aan bod is gekomen. Ik zal dus ook verwijzen naar eerdere sprekers, die in hun bijdrage ook op mijn punten hebben ingezet.
Ik wil ook beginnen met complimenten voor de hele sector, omdat die een paar jaar geleden toch een ongelofelijk grote operatie zijn gestart met dat nieuwe pensioenstelsel. Dat gaat niet zonder slag of stoot, en daar hebben we het natuurlijk vandaag over, maar er wordt heel erg hard aan gewerkt en ook heel veel gaat goed. Dat gezegd hebbende, dank ik de minister voor die vijfde voortgangsrapportage. We hebben überhaupt enorm veel informatie gekregen ten behoeve van dit debat. We gaan het laatste jaar in van de transitie. In dat laatste jaar komen, denk ik, dus nog toch de laatste fondsen, niet de grootste, maar wellicht hier en daar wel een paar zorgenkindjes. Kunnen wij als Kamer voor het einde van het jaar inzicht krijgen of we inderdaad verwachten dat na die laatste tranche, dus dat laatste jaar, op 1 januari 2028 alles over is, zoals we beogen met elkaar?
Ten aanzien van het mislopen van compensatie bij transitie is heel veel gezegd. Ik ben het totaal eens met de stelling dat dit eigenlijk een negatieve uitwas is van het systeem. Ik had daar de sociale partners meer op willen horen; laat ik dat ook gezegd hebben, maar dat heb ik in interrupties ook gedaan. Ik vraag de minister ook wat er nu nog aan te doen is. Wat kunnen fondsen nog doen? En als dit heel erg gaat om het ABP en het PFZW, kan aan hen dan ook worden gevraagd om daar in overleg toch nog naar te kijken?
Uitspraken Ingrid Michon-Derkzen, 10 sep