Dank u wel, voorzitter. We stevenen, na de stikstofcrisis, nu recht af op een watercrisis of een waterslot. De Europese deadline van de Kaderrichtlijn Water in 2027 nadert en dreigt de vergunningverlening voor onze boeren en bedrijven volledig plat te leggen. Terwijl linkse actiegroepen en organisaties als Caring Farmers de Kaderrichtlijn Water willen misbruiken om de veestapel te laten krimpen en innovaties, zoals mestvergisters — denk aan RENURE — onmogelijk te maken, blijkt uit recente Brusselse documenten dat de EU zelf meer flexibiliteit biedt dan Nederland nu doet. De PVV eist dat de minister stopt met het naïefste, braafste jongetje van de Europese klas te spelen, flexibiliteit maximaal benut en stopt met het onterecht straffen van boeren en ondernemers voor vervuiling van buitenaf. Grote vervuilers zitten toch ook echt vaak in landen om ons heen.
Eind mei 2026 heeft de Europese Commissie een guidance gepubliceerd waaruit blijkt dat er binnen de huidige Kaderrichtlijn Water veel meer flexibiliteit mogelijk is. In het document worden uitstel van termijnen, verminderd doelbereik, tijdelijke uitzonderingen en het instellen van mengzones genoemd. Ook VNO-NCW waarschuwt terecht voor zogenaamde nationale koppen op Europees beleid. De vraag is dan ook: is de minister bereid om alle flexibiliteit die de Europese Commissie in haar recente guidance noemt, zoals doelverlaging en uitstel van termijnen, maximaal en per direct in te zetten om de Nederlandse boeren en ondernemers te beschermen tegen een vergunningslot? Tweede vraag. Kan de minister snoeihard garanderen dat er bij de naderende KRW-deadline geen nationale koppen op de Europese regels worden geplaatst waardoor onze boeren en andere ondernemers een grotere last dragen dan die in de rest van Europa?
Even kijken. Volgens mij is dit net ook door mevrouw Wiersma aangegeven, maar onze boeren krijgen ook vaak de schuld van slechte waterkwaliteit, terwijl de vervuiling komt door het buitenland, de historische belasting en natuurlijke achtergrondwaarden. Een schokkend praktijkvoorbeeld is dat de NVWA dreigt om boetes op te leggen aan boeren omdat zij sproeiwater hebben gebruikt dat buiten hun schuld om door anderen is vervuild. Wat gaat de minister, eventueel in samenwerking met de minister van LVVN, doen om te voorkomen dat de NVWA onze boeren straft en beboet voor het gebruik van oppervlaktewater dat stroomopwaarts door anderen of vanuit het buitenland is vervuild? Daarnaast stelt de EU-guidance ook dat bij de naleving rekening kan worden gehouden met natuurlijke achtergrondconcentraties. Hoe gaat de minister ervoor zorgen dat boeren niet langer worden afgerekend op stoffen die van nature al in de bodem en in het water zitten?
De bouw- en infrasector slaat alarm omdat kleine projecten stuklopen op de torenhoge kosten van KRW-onderzoekslasten. Het gaat om ruim 160 parameters, zoals gisteren ook in de rondetafel werd verteld. Zij stellen voor om in lijn met EU-jurisprudentie, artikel 4, lid 7 KRW, een toepasselijkheidstoets of een quickscan in te voeren om projecten met weinig impact snel eruit te zeven. Volgens mij is dat exact wat onze boeren en ondernemers nodig hebben. Is de minister bereid om ook voor de agrarische sector zo'n snelle, praktische toepasselijkheidstoets in te voeren, zodat ondernemers die bijvoorbeeld een stal willen aanpassen of een sloot willen dempen, niet opdraaien voor tienduizenden euro's aan overbodige ecologische onderzoeken?
Tijdens het rondetafelgesprek gisteren pleitte Caring Farmers — ik noemde het net al — openlijk voor het inkrimpen van de veestapel, het verbieden van reguliere gewasbeschermingsmiddelen en het financieel onaantrekkelijk maken van boereninnovaties als mestvergisters en RENURE. Deelt de minister de opvatting van de PVV dat de Kaderrichtlijn Water primair over water moet gaan, en niet via de achterdeur door linkse activistische lobbygroepen mag worden misbruikt om krimp van de veestapel af te dwingen of broodnodige innovaties, zoals RENURE, de nek om te draaien?
Concluderend. De Kamer is tijdens de technische briefing gewaarschuwd dat niemand met zekerheid kan zeggen of er een vergunningslot dreigt. Dat is wat ons betreft Russische roulette spelen met de toekomst van de Nederlandse landbouw en onze economie. We hoeven de wet niet eens aan te passen; Brussel zelf zegt dat we de regels veel soepeler mogen interpreteren. Vewin bevestigt dat de wet meer dan genoeg mogelijkheden biedt. Laten we die ruimte dan ook gewoon pakken, in plaats van de Nederlandse boeren en ondernemers weer het vel over de oren te trekken. Daarnaast kun je een boer niet afrekenen op rotzooi die via de rivier uit het buitenland komt of die al honderden jaren in de grond zit. Dat het bevoegd gezag en de NVWA hier toch boetes voor willen uitdelen, is volgens mij de wereld op zijn kop.
Voorzitter. Als laatste pfas. Ik denk dat het heel goed is om in de gaten te houden dat we in Europees verband, gezamenlijk en gelijktijdig, dezelfde stappen zetten met elkaar, maar ik denk ook dat we moeten stoppen met mensen angst aanpraten; dat gebeurt regelmatig, ook hier in de Kamer. Een paar weken geleden hebben een aantal mensen, ik ook, een prik laten zetten in Nieuwspoort. Ik heb net, om 09.00 uur, de uitslag gezien. Er zijn een aantal gradaties: 5, 10 of 20. Ik doe helemaal niks aan het voorkomen van pfas-blootstelling, maar ik heb gezien op welke gradatie ik uitkwam. We moeten daar wel realistisch in zijn. Ja, het is gevaarlijk, maar je moet ook zorgen dat je mensen niet onnodig angst aanjaagt.
Uitspraken Chris Jansen, 25 jun