Daarom is het zo goed dat ook mevrouw Van Brenk in deze commissie zit. Dank voor haar toelichting. Ik vraag aan de minister: is daar nu nog iets aan te doen?
Er is hier eerder gezegd dat het de pensioenverzekeraars zijn die uitkeringsovereenkomsten hebben verkocht. Wij hebben daar een heel aantal mails over gekregen; ik hoorde daar ook collega's over. Die pensioenverzekeraars hebben vaste premies, maar de nominale uitkeringen worden al jaren niet geïndexeerd, terwijl een heel aantal deelnemers wel verplicht zo'n product afneemt via de werkgever. Ik begrijp heel goed dat dit een rol is voor de toezichthouder. Wat kan een toezichthouder nog doen als je bij deze producten wel een vaste premie hebt, eigenlijk op basis van het nieuwe systeem, maar niet de indexatie op grond van het nieuwe systeem? Vergt dat niet meer toezicht?
Er is ook gesproken over het überhaupt informeren van deelnemers. Dat hebben we ook vorige week bij het werkbezoek gehoord. Omdat het veel over pensioenen gaat, denkt iedereen: ik zal er eens naar kijken. Dat vind ik een heel goed idee. We willen ook dat je nu met je persoonlijke pot meer betrokkenheid bij je eigen pensioen hebt. Dat vraagt van de fondsen wel een actievere informatieplicht dan ze nu uitvoeren. Ik weet dat ze daar allemaal goed mee bezig zijn, maar ik wil ze daar ook vandaag absoluut toe aanmoedigen.
Het gaat mij om drie punten. Het zit in het kostenoverzicht. Daar hebben we het al eerder uitgebreid over gehad: je moet als fonds expliciteren wat de kosten zijn die je maakt. Het zit ook in de beleggingsportefeuille: wel of niet maatschappelijk beleggen, en hoeveel dan? En het zit in het proactief uitvragen van partners en kinderen, zoals ik ook eerder vanochtend heb gehoord van de heer Bolhuis. Als je als deelnemer überhaupt niet weet wat je moet vragen, en als je als deelnemer niet in de gaten hebt dat het van belang is om aan te geven dat je persoonlijke situatie verandert, dan geef je dat zelf niet aan. Het zit ook in de te maken keuzes ten aanzien van je eigen pot. Als je niet weet wat je kan vragen, vraag je het niet. Daar zit voor mij de crux. Ik hoop dat de fondsen op dat punt echt een been bij gaan zetten.
Over rendement is ontzettend veel gezegd. Ik zou graag willen dat er een wat steviger benchmark is op de rendementen. Er is nu alleen een performancetoets, waarbij wordt bekeken hoe een pensioenfonds rendeert. Ook DNB kijkt daarnaar, maar daar komt iedereen doorheen. Je moet het wel heel bont maken als je daar niet doorheen komt. Het zou echter interessanter zijn als je ook voor de verschillende producten die er kunnen zijn — wil je een defensief of een offensief product? — een benchmark hebt, zodat je de fondsen naast elkaar kunt zetten en daarover het gesprek met elkaar kunt voeren.
Ik heb de brief van de minister van 8 juni jongstleden goed gelezen. In die brief wordt het beleggingsbeleid helemaal uitgelegd. Dat is interessant om te lezen, maar ik vraag me af wat de vervolgstappen zijn. Vraagt dat om nader onderzoek? Wordt er dan ook zo'n benchmark ontwikkeld? Hoe ziet dat eruit? Ik hoor ook bij collega's, zeg ik richting de minister, dat daar veel behoefte aan is.
In het verlengde daarvan heb ik de motie-Palland in mijn hoofd, maar meneer Vermeer kwam met allerlei dingen waar ik sinds vanochtend het bestaan vanaf weet. Dat gaat over de actievere participatie van deelnemers. De motie-Palland van het CDA had het over een nieuw governancemodel. Dat zit voor mij heel erg in het verlengde van de betrokkenheid van deelnemers en het in staat stellen van die deelnemers om mee te praten. Ik denk dat dit het vertrouwen in die fondsen enorm zal vergroten.
Voorzitter, daar wil ik het bij laten.
Uitspraken Ingrid Michon-Derkzen, 10 sep