Naar de inhoud
Uitspraken Bart van den Brink, 23 apr
Commissiedebat · donderdag 23 april 2026

De tweede cyclus van de Spreidingswet

Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-president
De heer Ceder, die er nu niet is, maar die natuurlijk wel meeluistert — ik weet namelijk dat hij hierop heel erg betrokken is — vraagt hoe het gaat met de gemeenten die er nu nog niet aan hebben bijgedragen. Ik heb natuurlijk op 9 april alle gemeenten een brief gestuurd. Dat was een onderdeel van de eerste ronde van de Spreidingswet. Die brief was bedoeld om hun te verzoeken om informatie, namelijk waarom ze nog niet hebben voldaan aan hun wettelijke taak. Ik vroeg hun wat de huidige stand van zaken is. Dat is eigenlijk fase twee van de Spreidingswet. Hierna zullen er eerst ambtelijke gesprekken worden gevoerd met de gemeenten die niet voldoen. Ze kunnen dan informatie aanleveren. Als ze dan in zo'n gesprek aangeven dat ze er ook niet aan willen voldoen, dan volgen erna bestuurlijke gesprekken waarin er afspraken worden gemaakt over hoe ze dan toch gaan voldoen aan de afspraken. Hoeveel tijd nemen we daar dan voor? De capaciteitsraming voor de tweede cyclus van de Spreidingswet is in februari gepubliceerd, vier dagen na mijn aantreden. Daar zit die provinciale opgave in, die u al heeft genoemd, met het aantal van 88.000 opvangplekken. Uiteindelijk is er tot 30 november de tijd om daarop te reageren. Voor het einde van het jaar op oudejaarsdag zal ik een verdeelbesluit nemen. Dat is de systematiek die volgt uit de Spreidingswet. Dan vraagt de heer Van Dijk naar de plekken die moeten worden gerealiseerd. Dat heb ik net ook aangegeven. We hebben dus de korte termijn en de lange termijn. Voor de korte termijn wordt er dus gekeken naar de inzet van hotels, noodopvang en alle locaties die beschikbaar zijn om op dit moment de nood van de opvangsituatie te lenigen. Tegelijkertijd voeren we de Spreidingswet uit, zoals ik net heb aangegeven, en zullen we ook doorgaan met de gesprekken die ik net aankondigde, dus met gemeenten die nog niet hebben geleverd. Mevrouw Straatman vraagt mij naar de bezwaarprocedures, de bezwaren die in de eerste ronde zijn ingediend. Hoe gaat dat nou en levert dat niet een vertraging op voor het hele proces? Dat was natuurlijk de eerste ronde van de Spreidingswet. Het heeft dus ook wat extra tijd gekost, ook omdat het gaat om iets wat we zorgvuldig willen doen, bijvoorbeeld door een extra gesprekronde te organiseren met bezwaarmakende gemeenten. We verwachten dus dat de bezwaarprocedure in de tweede cyclus een stuk sneller zal gaan. Het is, denk ik, ook goed — gemeenten vragen daar ook om — om die hele cyclus sneller te doorlopen zodat het voor gemeenten ook sneller duidelijk is waar ze aan toe zijn. De heer Van Asten vraagt mij of ik de volgende keer ook naar gemeenten ga bellen die tot nu toe niet hebben bijgedragen. Ik gaf net ook aan dat alle gemeenten mij zeggen: please, pas die Spreidingswet toe op al die gemeenten die tot nu toe niet geleverd hebben, want wij willen misschien nog een keer een extra stapje doen, maar dan moeten we wel weten dat die andere gemeenten ook wat gaan doen. Dus ja, daar proberen we ook op te sturen. Tegelijkertijd — ik gaf het net aan — roeit het COA echt met de riemen die het heeft, dus het zit niet in de luxepositie dat, als het een locatie ziet die mogelijk beschikbaar is in een gemeente die al meedoet, het die achteraan kan zetten. We komen dus ook in situaties dat we wel degelijk gemeenten vragen die al geleverd hebben. Mevrouw Van der Plas vraagt of we een volledig overzicht hebben van wie er wel en niet voldoet aan de Spreidingswet. Op basis van de voortgangsrapportages die zijn aangeleverd door de provinciale regietafels, voldoen 101 gemeenten wel, voldoen 94 gemeenten deels en voldoen 147 gemeenten niet ten opzichte van die verdeelbesluiten. Ik heb net aangegeven hoe we daar het gesprek over gaan vervolgen. U vraagt dan ook het volgende. We hebben gemeenteraadsverkiezingen gehad. Hoe verhouden zich die tot de Spreidingswet? De noodzaak van die locaties is gewoon niet weg. Ik zie dus ook de spanning die er in de samenleving is. Ik zie ook de discussie die daar gaande is en die ook — laat ik het zo zeggen — een appel doet op mij en op dit kabinet om de maatregelen te treffen die noodzakelijk zijn. We kunnen echter niet ontkennen dat de opvangproblematiek zodanig is dat we zonder een Spreidingswet nog verder in de problemen zouden komen. U had ook naar de invoeringstoets gevraagd. Ja, dat is een terechte vraag, want die is een onderdeel geweest van de wetgeving. Hij zit in de afronding, dus ik verwacht die nog voor de zomer naar uw Kamer te kunnen sturen. Dan kunt u daar dus kennis van nemen. Er zijn heel veel vragen geweest over kleinschalige opvang. De heer Van Dijk vroeg daarnaar, en ook mevrouw Piri en de heer Ceder. Ja, wij zijn zeker met het COA ook daarover in gesprek. Het is ook mogelijk. Tegelijkertijd zijn op dit moment ook die grote opvanglocaties nodig om alle verhuisbewegingen op te kunnen vangen en om gaten op te vullen die ontstaan door plekken die sluiten. Ik hoorde van verschillende partijen dat zij voorbeelden hebben van gemeenten die wel degelijk kleinschalige opvanglocaties zouden willen leveren, maar die vanuit het COA daarin worden geblokkeerd. Ik hoor een voorbeeld van twintig bedden. Ik moet eerlijk erkennen dat dat echt wel aan de lage kant is. Dat zou bijvoorbeeld heel erg geschikt zijn voor amv's, voor minderjarigen. Ik wil echt geen mogelijkheid onbenut laten. Laat ik in die zin het volgende zeggen. Voor alle voorbeelden op lokaal niveau waarvan u weet dat er op dit moment kleinschalige opvang beschikbaar zou kunnen worden gesteld en waarvan u denkt dat die niet wordt geleverd: mijn telefoon staat open, want we kunnen alles gebruiken. De heer Ceulemans vraagt mij of het klopt dat gemeenten het recht hebben om aan een provinciale regietafel het aanbod van nul asielopvangplekken te doen, en of dat mogelijk is. Ja, theoretisch wel. Je kan dus aan een provinciale regietafel inbrengen dat jij nul asielopvang gaat doen. Tegelijkertijd zal dan de rest van die tafel — zo zit dat ongeveer — tegen die gemeente zeggen: wat ga je dan op een ander vlak doen, op het vlak van Oekraïne, van statushouders of voor andere aandachtgroepen zoals plekken voor tienermoeders of ggz-plekken of gevangenisplekken? Dat is namelijk het gesprek dat aan de provinciale regietafel plaatsvindt. Als daar dan geen extra bijdrage wordt geleverd, dan ga ik ervan uit dat andere gemeentes zeggen: zo kunnen we er met elkaar niet uitkomen. Als dat dan niet lukt, dan komt in een provinciaal verslag te staan dat die gemeente dus nul wilde leveren. Dan zal bij het besluit dat ik moet nemen de restopgave, dus wat ze dan niet geleverd hebben, alsnog worden verdeeld, ook over de gemeente die gezegd heeft dat die niet wilde leveren. Ja, theoretisch kan het dus, maar heel praktisch gezien zal het waarschijnlijk niet gaan optellen als je niet op een ander onderwerp wel wilt bijdragen. Mevrouw Vondeling van de PVV vroeg mij of mensen door de Spreidingswet op welke wijze dan ook gedwongen kunnen worden om mensen in huis op te nemen. Dat hing samen met een vraag over de ruimte die is geboden bij Takecarebnb om daar na zorgvuldige screening een asielzoeker of een statushouder te matchen met een gastgezin. Dit is een mooie manier om zo'n statushouder sneller te laten integreren. Dat is op verzoek van de SGP en bij meerderheid van deze Kamer voorgesteld. In dezen heb ik dus uitvoering gegeven aan een verzoek van een meerderheid van het parlement. De heer Van Dijk vraagt mij nog of in het coalitieakkoord staat wat de betekenis is van die afspraak als er voldoende vaste en flexibele opvangplekken zijn. Daar zijn meerdere vragen over gesteld. Mevrouw Piri vroeg in dat kader ook naar de Spreidingswet. Jarenlang liepen we ertegen aan dat onvoldoende opvangplekken werden gerealiseerd en jarenlang is Ter Apel met de problemen blijven zitten. De Spreidingswet is dan ook een middel en geen doel. Zodra wij een vast aantal opvangplekken hebben, kunnen wij zonder de Spreidingswet. Tegelijkertijd is het eerlijke antwoord dat wij dit vooruitzicht nu echt nog niet hebben en dat dit dus niet op de korte termijn zo zal zijn. De heer Ceulemans en mevrouw Van der Plas zeiden dat bij de behandeling van de Spreidingswet hier ook iets is gezegd over de instroom. Dat klopt. Dat heb ik zelf ook gedaan. Mevrouw Van der Plas hield mij nog vier punten voor. Nou, zij hield mij die niet voor; het was meer "ik vraag het eens". Ik had een beetje hulp nodig, hoor; dat moet ik eerlijk zeggen. Maar ik wist wel dat het over het kerngezin ging en daarmee ook over de samenhang met nareis. Ik wist mij nog te herinneren dat het ook ging over het niet meer publiceren van het landenbeleid. Overigens doen wij dat op dit moment aangepast. Wat ik was vergeten, is dat de bewijslastverdeling moest worden omgedraaid. Dat was de vierde. Ik hoop dat ik toch net geslaagd ben voor deze test. Ik heb toen gezegd dat we ook instroombeperkende maatregelen moeten nemen. Dat hebben meerdere partijen betoogd. Dat is deels ook deze week gebeurd. Nog los van alle opmerkingen die daarover zijn gemaakt: de invoering van het tweestatusstelsel én de nareisbeperking is de grootste hervorming van het asielbeleid in Nederland sinds de invoering van de Vreemdelingenwet 2000. Daardoor zal de instroom wel degelijk worden beperkt. Voorzitter, ik denk dat ik al best een eind ben. Mevrouw Straatman vraagt nog naar de acute noodopvang, die heel duur is. Ja, dat klopt. Door de Spreidingswet worden gemeenten al financieel gestimuleerd om duurzame opvanglocaties te openen. Doen ze daarbij meer dan hun opgave, dan krijgen ze daarvoor een financiële bonus. Als we dat op een goede manier weten in te regelen, dan zal de acute noodopvang echt dalen en dan kunnen we de kosten ook laten dalen. Laten we niet vergeten dat we op dit moment echt miljoenen, honderden miljoenen opmaken aan dure opvanglocaties. Alle partijen die zeggen dat zij op geen enkele manier willen dat gemeenten bijdragen, accepteren daarmee dus ook dat die miljarden worden uitgegeven aan deze "business", want dat is het. Daar moeten we met z'n allen vanaf, ook als je zorgvuldig met belastinggeld wil omgaan. De heer Van Asten heeft mij nog gevraagd hoe wij erop toezien dat op noodopvanglocaties wordt voldaan aan het kwaliteitskader dat in de maak is. Er is een kwaliteitskader uitgewerkt, maar op dit moment kunnen nog niet alle noodopvanglocaties daar volledig aan voldoen. Het COA blijft er natuurlijk aan werken om de kwetsbare groepen waar ook mevrouw Piri op wees, onder wie kinderen en minderjarige asielzoekers, zo veel mogelijk op plekken te krijgen waar daarmee geen risico's worden gelopen. Tegelijkertijd zit men soms zodanig met de handen in het haar dat opvang op noodopvanglocaties soms echt noodzakelijk is. Ik denk dat ik daarmee alles rondom de Spreidingswet heb behandeld.

In hetzelfde debat

16 andere bijdragen
Annelotte Lammers Groep MarkuszowerDank u wel, voorzitter. Vandaag spreken we over de laatst overgebleven wet van Marjolein Faber. Nadat haar belangrijkste voorstel afgelopen dinsdag is gesneuveld in de Eerste Kamer, nota bene door de PVV zelf, resteert e… Annelotte Lammers Groep MarkuszowerNou, die wet is destijds aangenomen, maar er was ook een meerderheid om die wet in te trekken. Die wet kan nog steeds ingetrokken worden. Daar is draagvlak voor.… Annelotte Lammers Groep MarkuszowerHoe gaat u er ooit voor zorgen dat deze kinderen, vrouwen en dochters veilig zijn? Of moeten zij, net als de inwoners van Lochem, die veiligheid maar zelf regelen? Want iedereen weet: wie asielzoekers spreidt over het la… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentJa, dank u wel, voorzitter. Dank voor alle vragen in de eerste termijn. Als we kijken naar het maatschappelijk debat, ook in de afgelopen dagen weer, dan zou je best kunnen zeggen dat de spanning in de samenleving op dit… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentIk kom zo zeker nog op wat er de afgelopen dagen allemaal gebeurd is. Tegelijk is het volgende het geval. Stel dat deze redenering klopt, dan is er vandaag nog steeds een opvangvraag. Dus ja, ik ben bereid aanspreekbaar … Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentLaat ik het volgende zeggen. We nemen, denk ik, binnen wat we kunnen onze maximale verantwoordelijkheid. Uw partij is daar ook een tijd tegenaan gelopen en heeft zich misschien ook wel eens verbaasd over welke ruimte er … Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentLaat ik het zo zeggen. We hebben het dan over 2022. Toen hebben we het over de invoering van de Spreidingswet gehad. Het vorige kabinet is begonnen met het maken van wetsvoorstellen waarmee zou worden gewerkt aan de inst… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentWij zijn natuurlijk continu met gemeenten in gesprek over de vraag hoe je dit zo goed en zo zorgvuldig mogelijk kan doen. Daarbij helpt het als door alle gemeenten een bijdrage wordt geleverd, zodat niet op stel en spron… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentDat is heel terecht, want er is natuurlijk een veelvoud aan complexiteit op lokaal niveau. Laten we ook eerlijk zijn: wij vragen al veel van gemeentes op het gebied van opvanglocaties, want daarbij gaat het om Oekraïne, … Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentIn dit land is weinig geheim, dus als het er is, dan moet dat ook naar u toe kunnen komen, lijkt me. Dat zeg ik even zonder dat ik mijn rechteroor hoor hoe dat werkt, maar kwaliteitskaders zijn in dit land niet geheim. A… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentU heeft gelijk dat het bij mij een rationele uitkomst is, maar het is wel degelijk de uitkomst van een weging, ook van die spanning in de samenleving. Ik ben er namelijk echt van overtuigd dat je de spanning in de samenl… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentJa. Dan komen we bij de algemene opvangsituatie. Dit raakt natuurlijk gelijk aan alle vragen die er zijn over wat we op dit moment zien gebeuren in gemeentes waar opvanglocaties zijn en in gemeentes waar opvanglocaties o… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentDat is terecht en alleen al daarom is het goed dat we dit debat hebben. We kunnen zo weer balans aanbrengen tussen die beide kanten: de maatschappelijke onrust en tegelijkertijd de ontzettend mooie initiatieven die er zi… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentHet belangrijkste wat we te doen hebben, is die groep zo snel mogelijk door de procedure halen en uitzetten. Dat is de snelste route naar een oplossing. Maar we moeten natuurlijk wel altijd ergens een locatie hebben waar… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentWat ik daarop zeg is allereerst: probeer met elkaar het gesprek te voeren. Dat is denk ik het allereerste. Ga met elkaar het overleg aan. Ik weet dat al die gemeentes dat ook doen op de plekken waar voor de Spreidingswet… Bart van den Brink minister van Asiel en Migratie, viceminister-presidentDat het gesprek op lokaal niveau gevoerd moet worden om die onrust weg te nemen en met elkaar te borgen dat aan signalen over onveiligheid of anderszins een goede opvolging wordt gegeven. Dat is wat gemeenten volgens mij…