Commissiedebat · dinsdag 8 september 2026
Strafrechtketen
David van Weel
minister van Justitie en Veiligheid
Nee, en het kan zomaar zijn dat we in het deltaplan tot het inzicht komen dat deze normen op een andere manier moeten worden vormgegeven of beter gehaald moeten worden. Op dit moment doet de keten nog zijn uiterste best om die normen te halen. In sommige arrondissementen lukt dat ook. In die zin is het dus niet zo dat er across the board nooit een norm wordt gehaald. Daarom vind ik het nu zonde om normen weg te halen die wel stimuleren en sturen binnen de arrondissementen. Tegelijkertijd kan het zomaar zijn dat we in het deltaplan tot een heel andere verdeling en een andere prioritering komen. Dat zijn de twee werkelijkheden die in ieder geval tot begin 2027 nog even naast elkaar bestaan.
De heer Sneller stelde verschillende vragen over het functioneren van de strafrechtketen en mijn visie daarop. Hoe ziet het ideale proces eruit en welke targets worden dan behaald? Laat ik vooropstellen dat er voor mij geen taboes zijn. Dat heb ik ook zo besproken met de ketenpartners. Dat hebben we in een hele informele setting gedaan, waarbij we gezegd hebben, ook over elkaars delen van de keten: "Wees nou eerlijk over welke knelpunten je ziet bij jezelf of bij de ander. Van welke processen denk je dat ze anders ingericht zouden moeten worden? Welke zaakstromen wil je eigenlijk niet meer zien in de strafrechtketen? Waar zit de bottleneck? Waardoor komen bijvoorbeeld sepots?" Sepots zullen onvermijdelijk zijn — ik kom daar nog op terug — maar sommige sepots komen uiteindelijk ook doordat men helaas in de opsporing steken heeft laten vallen. Zo heeft iedereen heel eerlijk gereflecteerd op zijn eigen beeld op de keten en op de ander. TNO gaat ons daar verder in helpen. Ik hoop dat al die informatie samen ons uiteindelijk gaat helpen om nu echt een breakthrough te creëren in het functioneren van de keten.
Er werd ook aandacht gevraagd voor slachtoffers. De staatssecretaris komt daar nog uitgebreid op terug vanuit haar verantwoordelijkheid. De afgelopen jaren is zowel de rechtsbescherming van verdachten als de positie van slachtoffers in de keten versterkt. Dat zijn ontwikkelingen die we toejuichen, maar de keerzijde — enkelen van u noemden dat al — is dat het systeem daardoor ook minder wendbaar wordt en dat zaken langer kunnen duren. Ja, dat moeten we op de koop toe nemen, maar we moeten ons wel elke keer realiseren dat als wij elementen toevoegen aan ons rechtssysteem of aan de strafrechtketen, we tegelijkertijd de snelheid en de doorlooptijden niet uit het oog moeten verliezen. Daarom vind ik het ook belangrijk om t.z.t. te bespreken welke indicatoren we belangrijk vinden en waar we op gaan sturen.
Een van de zaken waar we in de keten mee te maken hebben, is de werklast van de organisaties. Uiteindelijk moet ik ook zorgen dat de werklast voor deze organisaties behapbaar is. Ik kan u naar aanleiding van werkbezoeken vertellen dat dat op dit moment zeker niet altijd het geval is. Er is soms echt sprake van overbelasting van het systeem of van ketenorganisaties. Ook ik en wij allen zullen kritisch moeten zijn op nieuwe beleids- en wetgevingsinitiatieven om te zorgen dat we die keten niet onrealistisch belasten. Daarmee zijn we er echter nog niet.
Het is nodig dat de toekomstige knelpunten in de keten snel naar voren komen en aangepakt worden. Dat heeft ook meer inzicht nodig: gewoon droog in de cijfers. Het CJIB voert in opdracht van ons een verkenning uit naar de mogelijkheid van een ketenbreed dashboard naar het model van de executieketen. Daar bestaat dat nu al en kun je dus zaken volgen en zie je ook waar die blijven hangen. Ze zijn nu bezig om dat uit te rollen naar de volledige keten. Dat kan ons inzicht geven in waar zaken nu blijven hangen en waarop we moeten sturen, of in capaciteit of in selectiviteit, om te zorgen dat zo'n prop opgeheven wordt. Sturingsinformatie is dus heel belangrijk. Voor jeugdzaken hebben we die al. Daarvoor is een monitor ontwikkeld die inzicht geeft in de doorlooptijden. Ook dat geeft weer inzicht in waar de knelpunten zitten en hoe we dat kunnen doen. Ik zou heel graag voor de andere geprioriteerde zaakstromen ook een dergelijk dashboard willen hebben. Dat komt allemaal terug in het deltaplan. Ik nodig de leden ook van harte uit om ons te helpen in de aanloop naar dat deltaplan. Zoals ik zei, zijn er geen taboes. Financiering hebben we niet expliciet meegegeven aan TNO als onderwerp, zeg ik tegen de heer Ellian, maar het kan natuurlijk wel zo zijn dat uit het TNO-onderzoek de financieringswijze of -constructie als een knelpunt naar voren komt of iets wat leidt tot de verkeerde prikkels. Dat was waar u onder andere op doelde. Dan moeten we dat ook adresseren. We nemen dat mee in het deltaplan. Ik heb het in ieder geval als aandachtspunt goed in mijn oren geknoopt.
Ik heb nog een aantal antwoorden op specifieke vragen in het kader van de strafrechtketen. Misschien is het aardig als ik die nog meeneem in aanvulling op het deltaplan. Daarna heb ik nog de ICT, het OM en de sepots.