Commissiedebat · dinsdag 8 september 2026
Strafrechtketen
David van Weel
minister van Justitie en Veiligheid
De financieringssystemen. Ik noemde het net al even in de richting van de heer Ellian: ik heb die als aandachtspunt genoteerd. Eerder onderzoek heeft aanbevolen om de huidige bekostigingswijze van politie, OM en de rechtspraak te behouden. Dat is een SEO-onderzoek geweest. Maar nogmaals, we weten ook dat elk bekostigingssysteem zijn voor- en nadelen heeft. Ik neem het graag nadrukkelijk mee in de verdere uitwerking. Als verbeteringen mogelijk zijn, gaan we die zeker niet nalaten. Zo heeft het parket Oost-Nederland onlangs aangegeven een pilot te willen doen met een alternatieve financieringswijze. We kijken naar de uitkomsten daarvan. Je kunt het dus ook per parket toetsen en monitoren of dat gewenste effecten heeft.
De beroepsprocedure tegen verkeersboetes en het beslag daarvan op de capaciteit van het OM. Dit is een vraag van mevrouw Straatman. De hoogte van de boetes is niet zozeer iets wat leidt tot een belasting van de keten. Er zijn maar weinig mensen die echt in beroep gaan tegen de hoogte van de boete. Waar ze vaak tegen in beroep gaan, is het feit dat ze een boete hebben gekregen. Nogmaals, ik weet dat u in de Kamer bezig bent met meedenken met mij hoe wij het boetestelsel meer in balans kunnen krijgen, zonder dat we daar enorme bedragen voor beschikbaar hebben. Ik sta daar ook nog steeds voor open. Maar het beroep — dat was voor mij een inzicht toen ik minister werd — is heel erg gekoppeld, gewoon bijna wetmatig, aan het aantal boetes dat je uitdeelt. Het is een vast percentage mensen dat daartegen in beroep gaat. Dat is ook een van de bottlenecks bij het plaatsen van meer camera's, wat gemeentes heel vaak willen. Een van de bottlenecks daarbij is of je wel de ketencapaciteit hebt om vervolgens al die extra beroepen die je daarbij krijgt, adequaat af te handelen. Dat is hoe het werkt. Dat percentage zit nu op 7% van de beboete burgers. Die zijn het dus niet eens met een boete.