Commissiedebat · woensdag 24 juni 2026
Digitale inclusie
Eric van der Burg
staatssecretaris Koninkrijksrelaties en Slagvaardige Overheid
O, daarover is geen misverstand, al was het maar omdat ik tot zeventien weken geleden woordvoerder Bibliotheken was namens een niet nader te noemen politieke partij in de Tweede Kamer. Ik heb ook de nodige bibliotheken en IDO's bezocht en heb daar hele mooie voorbeelden van gezien. Ik vind het ook heel goed dat je in steeds meer gemeentes ziet dat de bibliotheek en bijvoorbeeld het gemeentehuis niet 5 kilometer uit elkaar liggen, maar in één plein geïntegreerd zitten, waardoor je binnenkomt en linksaf kunt slaan naar het buurthuis, rechtdoor kunt gaan naar de gemeente en rechtsaf kunt slaan naar de bibliotheek. Dan creëer je, zou ik bijna zeggen, een marktplein, waar ook echt iedereen bij elkaar komt en waar je dus heel makkelijk links kunt leggen met elkaar.
Tegelijkertijd moeten we ook constateren dat er plekken zijn waar dat niet het geval is en waar dat voor een laaggeletterde dus niet altijd automatisch de meest logische plek is om te zeggen: ik ben laaggeletterd, dus ik ga nu naar de bibliotheek om mijn informatie te halen. Dan kies je daar een andere plek voor. Ik heb het nu over laaggeletterden, maar het kan ook gaan om een ouder iemand. Ik heb dertien jaar in de ouderen- en gehandicaptenzorg gewerkt; dat weet de heer Struijk ook. Dan is het verzorgingshuis, waar je toch al twee keer in de week naartoe gaat, omdat je daar je dagbesteding hebt, of waar je vijf keer in de week je eten in het wijkrestaurant pakt, ook een logische plek om met je vragen naartoe te gaan. Die plek kan dan ook als vraagbaak dienen. Wat mij betreft moeten we dat dus breder interpreteren.