Dan ga ik door met het volgende punt. Dat is een aanvulling op de andere rapporteur, mevrouw Synhaeve, en gaat over de opvolging van de aanbevelingen uit de periodieke rapportages. De minister heeft eind 2025 de resultaten van twee periodieke rapportages ontvangen, over arbeidsmarktbeleid in de zorg en het geneesmiddelenbeleid. Op basis van de opvolgingsbrief zien we dat de minister serieus werk maakt van de opvolging van de aanbevelingen, maar de Rekenkamer merkt wel op dat de signalen over geneesmiddelentekorten beter kunnen als gebruik wordt gemaakt van eenduidige valide cijfers en dat dit vooraf beter te formuleren is als een verbeterpunt. We wijzen in dit verband ook op de opmerking van de Rekenkamer over taakstellingen. Als deze voor de overheid niet samengaan met scherpe keuzes, dan kan dit ten koste gaan van de effectiviteit van al het beleid. Dat zou zomaar het geval kunnen zijn geweest bij het achterblijven van verschillende beleidsdoelen. We willen de minister daarom ook vragen op welke manier ze uitvoering gaat geven aan de oproep om scherpe keuzes te maken bij de bezuinigingen op het ambtelijk apparaat en verdere uitvoering van de zorg, waar ze accenten gaat leggen en welke thema's ze laat liggen. We zouden de minister ook willen vragen om in brede zin, dus voor al het beleid, de impact van het beleid duidelijker meetbaar en dus zichtbaarder te maken door de inzet van specifieke, meetbare, afrekenbare, realistische en tijdgebonden doelen, zodat we beter kunnen gaan sturen op die aanbeveling.
Tot slot, als vierde punt, de V-100. Vanuit ons rapporteurschap hebben we gesproken met twaalf jongvolwassenen over de effecten van beleid op de mentale gezondheid van toekomstige generaties jongeren. De boodschappen waar zij mee kwamen, waren helder. Jongeren zien een angstaanjagende toekomst voor zich met veel prestatiedruk en weinig erkenning door oudere generaties. Concreet stelden zij voor om direct werk te maken van het verbeteren van het jeugdzorgstelsel, met medeneming van de stem van jongeren, en om werk te maken van de prestatiedruk die jongeren op vele manieren voelen. Zij hebben hierover vragen gesteld aan de minister. We kijken heel erg uit naar de antwoorden. Kan de minister aangeven wanneer die antwoorden naar de Kamer komen?
Voorzitter. Dan rond ik af, want dit was onze inbreng namens de commissie als rapporteurs. Dank u wel.
Uitspraken Lisa Vliegenthart, 25 jun