Naar de inhoud
Uitspraken Rianne Letschert, 10 sep
Plenair debat · donderdag 10 september 2026

Wijziging van de Archiefwet 1995 ter verruiming van de mogelijkheden om archiefbescheiden die in een archiefbewaarplaats berusten en die persoonsgegevens bevatten, ter raadpleging en gebruik beschikbaar te stellen (36889)

Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Voorzitter, dan ga ik naar het blokje over het belang van online voor eenieder. Een vraag vanuit het CDA was of ik kan bevestigen dat in de komende periode zowel met vertegenwoordigers van slachtoffers, bijvoorbeeld het Centraal Joods Overleg, als met vertegenwoordigers van kinderen en kleinkinderen van collaborateurs wordt overlegd. Ja, dat is absoluut cruciaal. Ik heb ongelofelijk veel waardering voor de inzet en betrokkenheid van de verschillende belangenorganisaties. Ik kan hier dan ook bevestigen dat de gesprekken met alle betrokken organisaties, het Centraal Joods Overleg, de Stichting Werkgroep Herkenning en het Centraal Orgaan Voormalig Verzet en Slachtoffers, zullen worden voortgezet. Dit gebeurt zowel vanuit mijn eigen departement als vanuit het departement van VWS, maar ook vanuit het consortium dat dit allemaal met ons heeft voorbereid, het consortium Oorlog voor de Rechter. Dit is zeg maar de gebruikelijke manier van samenwerken hier. Als het ministeriële besluit klaar is, zal dat uiteraard ook in internetconsultatie gaan. Daarin wordt — dat is dan meer de formele route — de gelegenheid gegeven om een reactie te geven op dat voorgenomen ministeriële besluit. Ik deel dan ook — dat was nog een zijvraag misschien of een subvraag — dat het structurele gesprek over zo'n groot maatschappelijk, maar ook gevoelig onderwerp, met alle dimensies en kwetsbaarheden die daarbij horen, zoals mevrouw Tijmstra ook in haar inleiding zo treffend verwoordde, zowel voor als na de publicatie van het archief moet plaatsvinden. Dat was dit punt. Voorzitter. Mevrouw Tijmstra stelde ook de vraag hoe we ervoor zorgen dat het archief van context wordt voorzien en of ik daar iets meer over kan zeggen. Er is een schat aan contextinformatie aangeboden bij de online beschikbaarstelling van dit centrale archief. Ik heb tijdens een van mijn werkbezoeken de kans gekregen om ook alvast een kijkje te nemen, om te zien hoe dat eruitziet en hoe het dan werkt. Dan zie je dat de informatie die je daarin vindt ook in perspectief wordt geplaatst. Hierdoor wordt de gebruiker in staat gesteld om de documenten te duiden. Er worden begrippen uitgelegd en er wordt ook gewaarschuwd tegen het trekken van te overhaaste conclusies. Daarnaast — dat vind ik eerlijk gezegd ook wel een hele zorgvuldige ontwikkeling, die van belang gaat zijn zodra het online is — is er een centraal informatiepunt, een klantcontactcentrum, ingericht, waar gebruikers terechtkunnen voor allerlei soorten vragen. Daar is voldoende capaciteit om te zorgen dat die vragen zo snel mogelijk kunnen worden beantwoord. Dan ga ik door met het blokje mitigerende maatregelen en het ministeriële besluit. Eens even kijken. Ik begin met de vraag van het Kamerlid van het CDA rondom de login. Zou je niet vast moeten leggen dat toegang tot het archief alleen maar via het aanmaken van een account mogelijk is? Wij hebben die keuze niet gemaakt. U vraagt naar de belangenafweging. Allereerst — dat is misschien een meer principiële reactie op uw vraag — druist het ook wel in tegen het maatschappelijk belang om ongehinderd toegang te krijgen tot informatie over de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust en hierover te kunnen vertellen. Dat is een principieel uitgangspunt waar deze wet eigenlijk voor staat. Dan heb ik nog wat praktische argumenten die we in die afweging hebben meegenomen. Zo'n verplichte login is een grote drempel voor nazaten van onderzochten en slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog die informatie zoeken over hun naasten en eerlijk gezegd ook wel een belemmering voor diegenen die niet in Nederland wonen. Je zou een login kunnen doen via bijvoorbeeld DigiD, maar dat heeft niet iedereen die niet het Nederlanderschap heeft en wel in deze bestanden naar familieverhalen wil zoeken. Een derde, meer administratief-praktische, overweging is dat het verwerken van persoonsgegevens van bezoekers van de website zonder dat dit toegevoegde waarde heeft voor de toegang tot die website of voor de betrokkenen die mogelijk in die dossiers voorkomen, ook wel heel ondoelmatig wordt gevonden, want je moet ook weer iets doen met de gegevens die je dan verzamelt. Dat is dan een AVG-route waar je tegenaan loopt. Wat doe je met die gegevens? Eigenlijk geeft het ook een soort schijnveiligheid. Vandaar dat we er, na al die overwegingen, voor gekozen hebben om dat niet te doen, ook gesteund door veel van de belangenorganisaties waar ik net naar verwees. Dan ga ik door met de vraag van het Kamerlid van PRO, Kamerlid Mohandis. Hoe gaan we om met decentrale archieven die online beschikbaar zouden kunnen worden gesteld voor eenieder, en kunnen gemeente- en stadsarchieven ook een verzoek indienen bij de minister? Ja. De gemeente- of stadsarchieven kunnen op basis van het wetsvoorstel inderdaad een verzoek bij mij als minister indienen om een oorlogsarchief — daar hebben we het over — aan te wijzen voor onlinebeschikbaarstelling voor eenieder. Ik maak dan de belangenafweging. Er is in de memorie van toelichting natuurlijk ook uitvoerig uitgelegd waarom die discussie onder de ministeriële verantwoordelijkheid valt. Als die belangenafweging uitvalt naar onlinebeschikbaarstelling, dan stel ik daartoe ook een ministerieel besluit op, waarvan het voornemen dan ook weer in internetconsultatie gaat. Iedereen kan daar dus ook weer op reageren. In dit wetsvoorstel is ook echt gekozen voor die stevig wettelijk ingekaderde belangenafweging, op basis waarvan oorlogsarchieven kunnen worden aangewezen die voor eenieder online beschikbaar worden gesteld. Dat is heel bewust onder de ministeriële verantwoordelijkheid geplaatst, ook in het licht van de adviezen van de Autoriteit Persoonsgegevens en de Raad van State. Maar ze kunnen dus absoluut een verzoek indienen. Dan ga ik door naar de vraag welke technische maatregelen archiefinstellingen moeten nemen. Die kwam van het Kamerlid van D66. Wie bepaalt of die voldoende zijn en of ze in de digitale wereld, die zich steeds blijft ontwikkelen, ook nog passend zijn, dus dat ze meebewegen met de tijd? De mitigerende maatregelen die in ieder geval moeten worden genomen, staan in het wetsvoorstel. Er zijn hele technische, die u ook zelf heeft genoemd, rondom ongeoorloofde indexering, tekst- en datamining en grootschalig kopiëren, die worden tegengegaan. Naast die wettelijk bepaalde maatregelen kan ik per ministerieel besluit aanvullende maatregelen nemen en dus verplichten. De archivaris die het archief beheert, staat bij de online beschikbaarstelling aan de lat, ook voor de uitvoering van die mitigerende maatregelen. U vroeg ook wie daar dan toezicht op houdt. Dat is de Inspectie Overheidsinformatie en Erfgoed; die houdt toezicht op de naleving van de Archiefwet door het Nationaal Archief, ook wat betreft de uitvoering van deze getroffen maatregelen en elke andere aanvullende maatregel die ik in de toekomst mogelijkerwijs zou moeten nemen ten aanzien van deze archieven. De autoriteit houdt weer — het is allemaal heel technisch, hè, mensen, via mevrouw de voorzitter — toezicht op de verwerking van de persoonsgegevens, overeenkomstig de wet, en daarmee dus ook op die getroffen maatregelen. Uiteindelijk is het aan de rechter om te bepalen of die maatregelen voldoende zijn. In antwoord op uw vraag hoe we zorgen dat de maatregelen meebewegen met de tijd: dat kan dus ook, doordat er ruimte is om die aanvullende maatregelen te nemen, en doordat de archivaris, die ook in die digitale wereld meebeweegt, bij de uitvoering van de maatregelen die beweging naar de digitale werkelijkheid in acht neemt. Er hoeft dan dus geen heel nieuw wetsvoorstel te komen, als daar de zorg misschien heeft gezeten. Ik ga door. Kamerlid Van der Maas zei: daar waar gegevens openbaar worden gemaakt en waarbij dit ook de persoonlijke levenssfeer raakt van onderzochten of verdachten die uiteindelijk niet schuldig werden bevonden, is het ook wenselijk dat dit duidelijk wordt gemaakt. In de dossiers, dat aantal dat ik u net noemde, is te lezen of een onderzochte veroordeeld is of niet en wat de strafmaat is. In het dossier waar u dan toegang toe heeft, kunt u dat dan ook meteen zien. Juist door het beschikbaar stellen van de dossiers met die context wordt het mogelijk om een beeld te krijgen van hoe de rechtsgang is verlopen en hoe de oorlog zich heeft afgespeeld. U ziet dus meteen wat de status is van hoe de procedure uiteindelijk is afgerond. Bovendien wordt op de website Oorlog voor de Rechter duidelijk gemaakt hoe de gerechtelijke onderzoeken destijds zijn vormgegeven. Dat is een antwoord op de vraag rondom context. Die website Oorlog voor de Rechter geeft er duiding bij. Een belangrijke mitigerende maatregel die ik hierbij wil noemen — die wordt namelijk nog weleens vergeten in de discussie — is dat alleen dossiers van onderzochten die zijn overleden online beschikbaar zijn. Soms is dat een niet te onderschatten maatregel. Mevrouw de voorzitter. Kan ik toezeggen om de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming aan te passen? Dat zou ik misschien ... Nee, dat kan ik niet, want dat zit bij een ander departement, namelijk bij de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, die verantwoordelijk is voor deze wet. De voorliggende wetswijziging beperkt zich bewust tot de archieven die onder de Archiefwet vallen en voor deze archieven maakt het wetsvoorstel de balans op. De UAVG geldt voor alle personen en organisaties in Nederland. Hierdoor verschilt ook de juridische context van de juridische context van de overheidsarchieven. De regeling die ten aanzien van de Archiefwet voorligt laat zich daardoor niet eenvoudig kopiëren naar de UAVG. De balans zou daardoor ook anders kunnen uitvallen. Ik kan uw wens tot een wijziging overbrengen aan de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, maar die is uiteindelijk verantwoordelijk voor die wet. Dan ga ik naar de overige vragen. Die gaan met name over hoe we scholen en docenten kunnen helpen om de digitale archieven in de klas te gebruiken. Het feit dat we dit centrale archief nu online voor iedereen toegankelijk kunnen maken, gaat er ook voor zorgen dat het blijven vertellen van het verhaal van de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust veel meer mogelijk wordt gemaakt. Dat geldt voor het onderwijs zelf, maar er werd eerder ook verwezen naar de oorlogsmusea en de herinneringscentra. Ook daarvoor is dit een ongelofelijke schat aan informatie die ingezet kan worden om scholieren op een goede manier te informeren over de gebeurtenissen in de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust. Ik zou eenieder willen aanraden om, zodra het online is, ook echt te kijken wat voor informatie en context je allemaal kan vinden. Het consortium dat daaraan gewerkt heeft, het consortium Oorlog voor de Rechter, en alle wetenschappelijke partijen die daarbij betrokken zijn geweest, hebben een dusdanige schat aan informatie en context beschikbaar gemaakt dat het mogelijk is voor scholen en docenten om daar echt gebruik van te maken. De begrippen worden namelijk uitgelegd en er wordt gewaarschuwd voor het trekken van overhaaste conclusies. Dat zit er allemaal in. Het is niet alleen maar zo dat je die — wat zei ik dat het was? — 18 miljoen pagina's krijgt; er zit ook een hele duiding bij. Echt prachtig. Zo mag ik het vanuit een wetenschappelijk en educatief perspectief wel noemen, denk ik. Mevrouw de voorzitter. Hoe zorgen we er dan voor dat mensen zonder ervaring in het archief straks ook hun weg online kunnen vinden? Het is enorm toegankelijk gepresenteerd, zowel in de visuele uitingsvormen van het Centraal Archief als in de duiding die erbij wordt gegeven. Daardoor wordt de gebruiker dus in staat gesteld om de documenten te duiden. Daarnaast en als laatste wil ik wederom verwijzen naar dat centrale informatiepunt, het klantcontactcentrum, waar gebruikers vragen kunnen stellen, mochten ze toch nog vastlopen. Ik ga door met de vraag van de VVD in hoeverre ik het wenselijk acht dat de particuliere archieven, waar meerdere vragen over zijn gesteld, maar die buiten het wetsvoorstel vallen, ook worden ontsloten. Met dit wetsvoorstel geef ik prioriteit aan het realiseren van de onlinebeschikbaarstelling van dit centraal archief. De Archiefwet gaat over het overheidsarchief, wat ook nog weleens vergeten wordt. Dat is waar deze wet over gaat. De diversiteit aan organisaties met particuliere archieven is echt gigantisch. In voorbereiding op dit debat heb ik daar nog eens wat op doorgevraagd. Zowel qua soort archieven als qua omvang is dat echt enorm. Dat valt dus niet onder de Archiefwet. Dat maakt het in de juridische context waarin we dit nu bespreken, dus ook ingewikkeld. Maar ook qua uitvoering, zou je die kant op willen gaan, is het echt een ongelofelijk grote opgave. Voor die particuliere archieven geldt gewoon de AVG, maar nogmaals, die vallen dus niet onder de Archiefwet, want die gaat over overheidsarchieven. Mevrouw de voorzitter. De heer Mohandis vroeg wat ik ervan vind dat het Nationaal Archief stopt met particuliere archieven die aan hen zijn overdragen. Daar is dus ook wel een praktijk in geweest. Of nou ja, "geweest", ik weet niet of ik het zo moet formuleren. De precieze uitwerking daarvan, ook als het gaat om de strategie en de visie van het Nationaal Archief, is op dit moment onderwerp van formele besluitvorming, zowel binnen het archief als binnen het ministerie. Zij zijn ook in overleg met de KVAN, de vereniging die daar een belangrijke partner in is, over hoe je een nader kader zou kunnen ontwikkelen voor de omgang met particuliere archieven. Ik zou graag de uitkomst van dat overleg willen afwachten en daarom ook nu nog geen adviesaanvraag willen doen bij het ACOI. Ik zou namelijk eerst dat proces willen afwachten. Dan kom ik in een van de volgende Kamerbrieven bij u terug met wat daaruit is gekomen en wat het formele besluit is van zowel het Nationaal Archief als het ministerie.

In hetzelfde debat

16 andere bijdragen
Erik van der Maas VVDHartelijk dank, voorzitter. Wij spreken over een wijziging van de Archiefwet. Archieven geven inzicht in onze geschiedenis. De mensen moeten kunnen achterhalen wat zich in het verleden heeft afgespeeld. Met deze wetswijz… Erik van der Maas VVDHeel fijn om te horen dat mijn naam nu synoniem is met de VVD. Hartelijk dank daarvoor. Daar ben ik erg trots op, uiteraard. Hartelijk dank aan de minister voor de beantwoording van mijn vragen. Ik heb er verder geen mot… Eveline Tijmstra CDADank u wel, voorzitter. Met dit wetsvoorstel worden de mogelijkheden om toegang te geven tot overheidsarchieven die persoonsgegevens bevatten, verruimd. Hoewel het wetsvoorstel een bredere reikwijdte heeft, is de aanleid… Eveline Tijmstra CDADank u wel, voorzitter. Ik wil de minister hartelijk danken voor de uitgebreide beantwoording van onze vragen. Het CDA vindt het heel erg belangrijk dat de partijen aan tafel blijven en dat het gesprek gevoerd wordt, zow… Heera Dijk D66Dank u wel, voorzitter. Ik was afgelopen week in Eefde. Dat is een plaatsje vlakbij Zutphen. Ik was er zelf nog nooit geweest. Ik ontmoette daar een vrouw uit Angola. Ik was nieuwsgierig hoe die vrouw daar terechtgekomen… Heera Dijk D66Dank u wel, voorzitter. Ook namens mij dank aan de minister voor de beantwoording. Goed om te horen dat het allemaal zorgvuldig is gegaan met allemaal verschillende partijen. Ik heb één motie en die heeft betrekking op h… Mohammed Mohandis PROVoorzitter, dank u wel. De aanleiding voor dit wetsvoorstel is de discussie over het online openstellen van het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging, ook wel CABR of oorlogsarchief genoemd, met 485.000 dossiers van … Mohammed Mohandis PROVoorzitter, dank u wel. Ik heb twee moties. Dank aan de minister voor de beantwoording in eerste termijn. Ik ga nog even door op het punt over het Nationaal Archief. Ik dien de volgende motie in.… Mohammed Mohandis PROMijn laatste motie gaat over het effect van het debat dat we eerder, een paar jaar geleden, hebben gevoerd over de nieuwe Archiefwet, hoe die zou moeten doorwerken en hoe de Rijksoverheid daarin het goede voorbeeld kan g… Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en WetenschapDank u wel, mevrouw de voorzitter. Door deze wetswijziging kunnen wij een uniek project van groot maatschappelijk belang realiseren. Dat werd in al uw bijdragen vanavond ook benadrukt. We kunnen het meest geraadpleegde o… Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en WetenschapOké. Dan begin ik met de vragen die te maken hebben met de wetswijziging. Ik begin met een wat meer generieke vraag, die mij werd gesteld door het Kamerlid van D66, over de zorgvuldigheid waarmee dit hele traject de afge… Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en WetenschapJa, dat is sowieso een verstandige route; daar hebben we ervaring mee. Dan zou je opnieuw de verschillende instanties om advies gaan vragen. Je zou vragen wat het betekent voor andere, in uw woorden zwaarwegende, categor… Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en WetenschapDan ga ik door met de beantwoording van de vraag van het Kamerlid van de VVD, de heer Van der Maas, over de algemene maatregel van bestuur en de wijziging van het Archiefbesluit die meer gedetailleerde regels zal stellen… Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en WetenschapNou, ik zeg niet dat wij alle besluiten gaan nemen en dan … Het is wel van belang dat de precieze uitwerking en de gesprekken die nu lopen, leiden tot een positie die we innemen als Nationaal Archief en ministerie. Daar … Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en WetenschapWat ik zeg: dat is echt te vroeg. De precieze uitwerking, ook van de gesprekken die er zijn, is namelijk onderwerp van gesprek. Daar is dus nog geen uitkomst van. Zodra we daarbij in de buurt komen, zullen wij er advies … Rianne Letschert minister van Onderwijs, Cultuur en WetenschapZeker. Ik heb nog twee vragen, mevrouw de voorzitter. Eén. Dit is de laatste vraag vanuit D66 rondom het historisch wetenschappelijk onderzoek: is dat online door de onderzoeksinstituten toegestaan en werpt deze wet daar…