Plenair debat · donderdag 10 september 2026
Wijziging van de Archiefwet 1995 ter verruiming van de mogelijkheden om archiefbescheiden die in een archiefbewaarplaats berusten en die persoonsgegevens bevatten, ter raadpleging en gebruik beschikbaar te stellen (36889)
Heera Dijk
D66
Dank u wel, voorzitter. Ik was afgelopen week in Eefde. Dat is een plaatsje vlakbij Zutphen. Ik was er zelf nog nooit geweest. Ik ontmoette daar een vrouw uit Angola. Ik was nieuwsgierig hoe die vrouw daar terechtgekomen was. Het antwoord was best simpel: het waren werk, studie en de liefde. Ze is getrouwd met een Joodse man. Aan de keukentafel vertelde ze me hoe de familiegeschiedenis van haar schoonfamilie is verlopen: hoe ze van twaalf naar vijf personen zijn gegaan. Het verhaal raakte me en ik wilde meer weten, maar ik durfde niet verder te vragen. Ik voelde namelijk de pijn en het verdriet dat nog steeds doorwerkt. Het verleden werkt nog steeds door in het heden.
Voorzitter. We mogen onze geschiedenis nooit vergeten. De verhalen uit het verleden mogen niet vergeten worden. Om ervoor te zorgen dat ook volgende generaties weten wat er is gebeurd, moeten deze verhalen blijven voortbestaan. Vandaag bespreken we de Archiefwet. Deze wet maakt het mogelijk om belangrijke archieven over onder andere oorlog, genocide en misdaden tegen de menselijkheid digitaal toegankelijk te maken. Een familiegeschiedenis raakt immers meerdere generaties. We moeten in het proces zorgvuldig blijven omgaan met de gegevens. D66 ziet dan ook dat er flinke verbeteringen zijn aangebracht. Uiteraard gebeurt dit altijd, maar in dit geval is er echt uitgebreid naar het advies gekeken. Dat kan ik uit de stukken concluderen, denk aan de AP, het ACOI, de rijksarchivaris en natuurlijk de Raad van State. Zorgvuldig omgaan met onze archieven betekent ook zorgvuldig omgaan met de mensen die erin voorkomen. Daarom is mijn eerste vraag of de minister kan toelichten hoe de verschillende adviezen zijn verwerkt in het uiteindelijke wetsvoorstel. Welke aanpassing vindt zijzelf het meest bepalend voor de zorgvuldigheid van de wet?
Verder zou ik vandaag vooral nog een paar vragen willen stellen over de uitwerking in de praktijk, zodat we de puntjes op de i kunnen zetten en kunnen zorgen dat de wet in de praktijk echt goed werkt. Zo sprak ik deze week met de medewerkers van het NIOD. Voor de wetenschap is het belangrijk dat je niet naar één dossier kijkt, maar naar een geheel. Als wetenschapper wil je de digitale data als een geheel kunnen analyseren om patronen te ontdekken. Bijvoorbeeld: waren straffen in de ene regio hoger dan in de andere regio? Hoeveel Joodse getuigen waren er? Welke patronen zijn er te ontdekken rond het verraden van onderduikers? Het is voor wetenschappers belangrijk om toegang te krijgen tot de digitale dataset. Dat moet zeker niet openbaar op internet, maar alleen binnen een beveiligde onderzoeksomgeving. Dat is volgens de AVG mogelijk, maar zij vragen of de minister kan verduidelijken of dat op basis van de Archiefwet is toegestaan. Mijn vraag is dan ook of de minister dit kan verduidelijken en of deze vorm van online historisch wetenschappelijk onderzoek door onderzoeksinstituten in de Archiefwet is toegestaan.
Dan de bescherming van de gegevens zelf. We moeten natuurlijk rekening houden met de wereld van nu. Als we het archief online zetten, moeten we ervoor zorgen dat de gegevens niet bruikbaar worden voor bijvoorbeeld AI-bedrijven die grote hoeveelheden data willen verzamelen. De regering wil daarom tekstscraping, datamining en grootschalig downloaden voorkomen. Dat begrijp ik. Daarom vraag ik de minister welke technische maatregelen archiefinstellingen moeten nemen. Wie bepaalt vervolgens of die maatregelen voldoende zijn?
De digitale wereld blijft zich ontwikkelen. Hoe zorgen we ervoor dat de maatregelen meebewegen met de tijd? De wet opent straks de deuren van onze archieven voor veel meer mensen. Dat zijn niet alleen historici en onderzoekers, maar juist ook mensen die thuis voor het eerst op zoek gaan naar hun eigen familieverhaal. Hoe zorgen we ervoor dat ook mensen zonder ervaring in dit archief hun weg kunnen vinden? Dat heb ik ook gehoord tijdens het gesprek met het NIOD. Hoe krijg je context bij de informatie die je krijgt? Als je geen specialist bent, hoe kun je dan die informatie tot je nemen? Volgens mij ligt daarin ook een mooie kans voor het onderwijs. Kan de minister kijken hoe we scholen en docenten kunnen helpen om deze digitale archieven vaker de klas in te halen?
Tot slot. Volgens mij ligt er een mooi voorstel voor een Archiefwet. Ik zou nog even terug willen gaan naar de keukentafel in Eefde. Ik had die vrouw graag willen vertellen dat zij straks haar familiegeschiedenis wel kan opzoeken en zo het verhaal van haar schoonfamilie beter kan begrijpen. De Archiefwet verschuift daarmee van een algemeen belang naar een meer persoonlijk belang. Voor mij verschuift de Archiefwet daarmee ook naar een meer menselijk belang, zodat wij het nooit kunnen vergeten, ook niet na 80 jaar.
Dank u wel.