Dat klopt op zich ook. De liquiditeit van de dollar is veel groter. Er zijn grotere markten en diepere markten. Op zich hebben ze daarin gelijk. Alleen, ik zeg daarbij ook: de onderliggende economische kracht van de Amerikaanse economie is ook veel groter. Dan kom ik terug op de discussie die wij hiervoor hebben gehad over de kapitaalmarkten, het innovatieve bedrijfsleven en de concurrentiekracht. Die is veel sterker. Tussen de staten van Amerika is er een betere integratie. Daar is dus meer risicodeling. Maar de risico's zijn dan ook wel lager. Ik kijk dan dus ook wel naar de andere lidstaten, zo van: als jullie bereid zijn om risico's af te schalen, met gezondere overheidsfinanciën en gezonder functionerende economieën, dan heb je een andere discussie. Maar ik zie daar te weinig beweging in. Ik ga dan niet op voorhand puur de risico's delen om maar zo'n safe asset te creëren. Dat begint dus echt bij een gezonde economie. Ik zeg dan altijd: het mooie is dat iedereen het zelf in de hand heeft. Breng je economie op orde als je een safe asset wilt en dan wordt je staatsobligatie vanzelf interessant om in te investeren. Ik zit vrij stoïcijns in die discussies. Ze vinden dat irritant, maar ze zien ook wel dat Nederland daar vrij consistent in is en misschien ook wel gewoon een punt heeft.
Dan mevrouw Van Eijk over toezichtskosten. Ze vroeg wanneer de eerste resultaten van DNB 2030 verwacht worden en wanneer die ook worden teruggezien in de toezichtskosten. DNB zet echt serieuze stappen met het programma DNB 2030: een bezuiniging van 10% in vijf jaar. De resultaten zijn al zichtbaar in de toezichtskosten. De begroting van DNB ligt al onder het kostenkader en de bezuinigingen worden stapsgewijs doorgevoerd tot en met 2030.
Laat mij ook van de gelegenheid gebruikmaken om een compliment aan het hele bestuur bij DNB te maken. Zij pakken dit echt op. Zij horen de kritiek en zijn daar ook niet doof voor. Ik breng wat de Kamer aangeeft ook mee in de gesprekken die ik voer. Hier zijn ze echt zeer, zeer ambitieus en voortvarend mee aan de slag. Er worden echt stappen gezet. Ze zien dit. Dat zit op meerdere vlakken. Het zit op — ik noem het maar even in commerciële termen — de klantgerichtheid naar de sector: "Staan we open? Begrijpen we de fintech? Hebben we geen overregulering? Hoe kunnen we het makkelijker maken?" Maar het zit ook intern: "Hoe kunnen we doorstroming stimuleren, zodat er ook weer nieuw talent komt? Hoe zit het hele salarisgebouw in elkaar? Hoe kunnen kosten gereduceerd worden, ook als het gaat om licht, water, energie en dat soort zaken?" Daar wordt dus echt doorgepakt door deze leiding.
Dan had mevrouw Van Eijk ook een vraag over hoe we nieuwe toezichttaken die steeds gepaard gaan met scherpere keuzes en prioritering borgen, zodat de rekening voor de sector niet onnodig blijft oplopen. Dit is natuurlijk wel een spanningsveld. Wij vragen als politiek, ook in Europa, om steeds meer regulering. Er komen dus ook steeds meer taken bij. De toezichthouders zeggen ook: dan moeten we dus weer specifieke mensen aantrekken. Denk aan crypto, om maar een voorbeeld te noemen. Dat is een hele nieuwe sector. Daar moet toezicht op gehouden worden, maar dat vergt ook weer mensen die daar verstand van hebben. Er zit dus een spanningsveld. Het uitgangspunt is dat AFM en DNB de nieuwe taken binnen hun kostenkader opvangen. Dat erkennen ze ook en daar zijn ze ook aan gecommitteerd. Alleen bij echt grote nieuwe taken kijken we naar een uitbreiding van budgetten.
Dat veranderde toezicht zorgt ook dat je soms minder moet inzetten op andere risico's. Daar ga ik ook actief het gesprek over aan met de toezichthouders, maar ik zou dat debat ook graag in de Kamer willen voeren. De toezichthouder geeft dat ook aan en zegt: het is prima om op de kosten te letten en het met minder te doen, maar dan zullen wij echt keuzes moeten maken in waar we wel en niet op toezien. Dan kunnen er ook ongelukken gebeuren. We moeten er als Kamer ook weer rekenschap van geven dat die risico's kunnen toenemen. Daar moeten we gewoon een balans in zoeken. Die uitruil is er altijd. Ik denk dat die scherper kan, maar ik wil ook graag de visie van de toezichthouders hier inbrengen. Die zeggen: jongens, dat heeft ook consequenties. Daar heb ik ook enig begrip voor.
Als laatste vroeg mevrouw Van Eijk of de toezichthouders binnen hun bestaande mandaat wel oog moeten houden voor het vestigingsklimaat, innovatie en regeldruk voor de sector, en of ik ook concreet kan aangeven hoe ik hier invulling aan kan geven. De toezichthouders zien dit zelf ook als prioriteit binnen de bredere Europese discussie over concurrentievermogen. Nogmaals, tegelijkertijd moet daar dus een balans in gevonden worden. Ik blijf daarover in gesprek, maar ik kan wel aangeven dat zowel de AFM als DNB ook echt het belang zien van een goed, concurrerend vestigingsklimaat en aantrekkelijk willen zijn.
Ik wil niet alleen negatief spreken over de toezichthouders in Nederland. Ook vanuit de sector krijgen we positieve signalen. Van de AFM hoor ik dat partijen die met hen samenwerken zeer tevreden zijn over het kennisniveau, de snelheid waarmee ze antwoorden krijgen en het meedenken waartoe ze in staat zijn. Daar horen we dus echt wel positieve verhalen over. DNB werkt daar ook hard aan. Soms moeten toezichthouders ook wel kritisch zijn. Dat is niet leuk. U vindt mij soms ook vervelend; dat hoort ook een beetje bij de rollen die we hebben met elkaar.
Voorzitter. Ik hoop hiermee al uw vragen te hebben beantwoord.
Uitspraken Eelco Heinen, 1 jul