Commissiedebat · woensdag 1 juli 2026
NAVO-top
Dilan Yeşilgöz-Zegerius
minister van Defensie, viceminister-president
Ik begon mijn beantwoording in mijn eerste termijn met te zeggen dat het tweeledig is. We willen op alle momenten snel kunnen schakelen en ruim kunnen optreden. Daarvoor hebben we wetgeving nodig. Die komt er snel aan. Maar dat wil niet zeggen dat je nu niet zou kunnen handelen binnen je eigen mogelijkheden, die beperkter zijn dan die van onze buurlanden. Daarom blijft het op dit punt een beetje fictief, maar daar komt het wel op neer. Zeker als we de wetgeving behandelen, zullen we even kijken of we alles in de openbaarheid kunnen doen, wat mijn voorkeur heeft, of dat het toch even iets anders moet. Ik zal er dan ook nader op in kunnen gaan hoe het er precies uitziet. Maar ik vind het wel belangrijk om de Kamer … Zoals de minister van Buitenlandse Zaken in voorgaande debatten en ik op andere plekken hebben aangegeven, wil dat niet zeggen dat je helemaal stilstaat en lam bent totdat je die wetgeving hebt. Dat is het echt niet. U ziet ook aan mijn beantwoording en de stevigheid daarin dat wij daar ook heel erg alert op zijn. Als we kunnen, dan zullen we ook handelen. Dat heeft aan onze kant niet alleen te maken met beperktere wetgeving, maar ook met locatie, met je inlichtingen en met een heleboel andere zaken, waar ik niet al te lang en al te diep op wil ingaan gezien de openbaarheid.