Commissiedebat · woensdag 1 juli 2026
NAVO-top
Dilan Yeşilgöz-Zegerius
minister van Defensie, viceminister-president
Wij streven er nog steeds naar om het voor de zomer bij ons afgerond te hebben. U weet: wetgeving duurt normaal gesproken best wel wat langer. Maar we zitten er met z'n allen, met verschillende departementen, bovenop. Los daarvan — dat heeft de heer Berendsen ook op verschillende plekken aangegeven — is het, nogmaals, allesbehalve zo dat we nu niet zouden kúnnen handelen. Als het moet, dan gaan we handelen. Laat ik het anders formuleren: als we de gelegenheid krijgen, zullen we meteen handelen. Maar we willen die wetgeving heel graag, zodat dat steviger en sneller kan. Dit is een beetje cryptisch, maar uiteindelijk gaat het erom dat we het niet zullen nalaten om actie te ondernemen. Wij hopen dat we u nog gaan verbazen. Het is bijna zomer, maar het duurt nog lang. We hebben nog anderhalve week.
Dan vanuit de heer Stoffer: welke afschrikking wordt gezet tegenover de uitbreiding van Russische militaire aanwezigheid rond de NAVO-buitengrens? De aanwezigheid en activiteiten van de NAVO zijn de afgelopen tijd enorm versterkt. De NAVO heeft lang een vooruitgeschoven aanwezigheid met multinationale eenheden. Nederland heeft recent ook besloten, zoals deze week meen ik bekend is gemaakt, om de aanwezigheid van Nederlandse militairen in Litouwen te verlengen tot en met december 2028. Gisteren ben ik samen met de Duitse minister Pistorius naar Letland gereisd voor de nieuwe rol van het eerste Nederlands-Duitse legerkorps aan de oostgrens. We zaten op de grens Letland-Estland. We zijn naar Estland of naar Letland gereisd, wat u wil; we zaten precies op de grens. Het is echt een historisch moment dat we dat daar gaan doen.
Dat betekent dat het legerkorps van de Duitsers en Nederlanders, dat al een hele tijd bestaat en echt een Europees voorbeeld is van hoe krijgsmachten, in dit geval landmachten, samen kunnen werken, vanaf gisteren samen het hoofdkwartier van de NAVO aan de oostgrens vormen. Ze zullen dat voorlopig vanuit Münster, vanuit Duitsland, blijven aansturen. Maar als het nodig is, dan zal het ook zo zijn dat we in de komende jaren daar wat steviger aanwezig zijn. Het zal ook gaan over oefeningen en dat soort zaken. U heeft mij in de media ook daarover horen zeggen, want gisteren hebben we daar het een en ander over gecommuniceerd, dat daarmee onze stelling — afschrikking is de beste verdediging — ook echt vorm wordt gegeven. Het is dus een heel belangrijk moment, waarbij Nederlanders en Duitsers gezamenlijk troepen van meer dan veertien landen op die manier aansturen. We nemen niet het commando over; het is een heel verhaal, maar dat is allemaal goed aan u uitgelegd. Dat is dus een mooi voorbeeld om te laten zien. Daarnaast hebben we nog heel veel andere voorbeelden van hoe we in Europa gezamenlijk met onze partners de lead pakken.
De heer Bolhuis had een vraag over het PURL-pakket. Hoe matchen we aankondigingen tijdens de NAVO-top? Het is ontzettend belangrijk dat de PURL-pakketten gevoed worden door verschillende landen, want deze bevatten cruciale luchtverdediging voor Oekraïne, die op dit moment alleen in Amerika wordt gemaakt. Het is dus heel belangrijk dat we daarop investeren. Op 17 juni jongstleden heb ik kunnen aangeven dat wij dat met 250 miljoen zullen versterken. Dat betekent dat onze totale bijdrage opgelopen is tot 1 miljard. Wat ik doe, en wat ik ook bijvoorbeeld twee weken geleden tijdens de ministeriële bijeenkomst van Defensieministers van de NAVO in Brussel heb gedaan, is andere landen heel erg actief oproepen, bilateraal en plenair, om dit ook te doen. Er zijn natuurlijk andere landen die het ook wel doen, maar wij horen wel weer tot degenen die daarin vooroplopen. Wij beseffen heel erg goed dat als die PURL-pakketten niet geleverd zouden worden, Oekraïne echt een groot probleem heeft. Daarmee beseffen wij als Nederlanders natuurlijk heel erg goed dat dat dan ook geldt voor de rest van ons continent en voor ons. Dat raakt direct onze veiligheid. De vraag was of ik dat ook ga doen tijdens de NAVO-top. Zeker. Dit is echt een heel belangrijk punt. Wij juichen het toe als landen bilaterale afspraken maken met Oekraïne. Dat doen wij zelf ook. Maar wij vragen wel: vergeet alsjeblieft niet wat er nog meer voor nodig is, dus niet alleen een-op-een, maar ook investeren in die PURL-pakketten.