Commissiedebat · woensdag 9 september 2026
Caribisch Nederland VWS
Mirjam Sterk
minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport
Uit de rapporten die zijn verschenen blijkt ook dat we nog stappen te zetten hebben. Er zijn verschillende commissies geweest, waaronder de commissie-Goedgedrag en vele andere betrokken partijen, die aanbevelingen hebben gedaan voor hoe we dat doel van die gelijkwaardigheid kunnen bereiken. Ik heb net al gezegd dat het insulaire karakter van de eilanden natuurlijk om maatwerk vraagt, maar ik wil in ieder geval ook mijn dank uitspreken aan iedereen die de afgelopen periode heeft bijgedragen aan die rapporten, adviezen en gesprekken, want al die inzichten hebben mij geholpen om een heldere agenda op te stellen met concrete stappen voor de komende jaren. Dan denk ik niet alleen aan alle bestuurders, maar ook aan al die mensen die daar met hart en ziel invulling geven aan de zorgen op de eilanden.
Volgens mij moeten we even zwaaien naar een aantal jongeren die daarbuiten naar binnen zitten te kijken.
Ten slotte vroeg mevrouw Van Brenk: hoe kijkt u hiernaar en wat wilt u nou gaan doen? Ik zie in ieder geval dat je op de eilanden best wel een hele sterke maatschappelijke civil society hebt, om een moeilijk woord te gebruiken, dat er heel veel maatschappelijk initiatief is. Dat is door een aantal van u ook al benoemd. Volgens mij is het ontzettend belangrijk dat we dat goed verbinden met het openbaar lichaam, dus met het eilandbestuur kijken hoe we dat kunnen verstevigen en versterken. Ik moet het even goed zeggen: Rosa di Sharon is zo'n mooi voorbeeld in de jeugdzorg. Een ouder stel is daarmee begonnen. Zij wilden jongeren in hun huis opvangen. De IGJ heeft daar ook op getoetst en zegt: het klopt gewoon helemaal en daar willen we ook mee verdergaan. Ik denk dat je op die manier die samenlevingen moet stutten. Daar hebben we allemaal een rol in te spelen, denk ik.
Dat is wat mij betreft ook de agenda voor de komende jaren. Je hebt op elk eiland natuurlijk weer andere uitdagingen. Ik ga die nu niet allemaal noemen, want die heeft u ook kunnen lezen in de brief, maar ik wil het doen vanuit dat oogpunt: hoe kunnen we die driehoek met elkaar verbinden? Wij moeten onze rol pakken, het openbaar lichaam heeft een eigen rol en de samenleving moet daar vooral ook in worden ondersteund waar ze het kan.
Voorzitter, dat was mijn inleiding. Dan zou ik nu even willen benoemen welke blokjes ik heb. Ik hou eigenlijk de lijn aan van de brief die ik heb gestuurd. Ik begin dus met preventie. Daarna behandel ik zwanger en kraamzorg, dan de curatieve zorg en medische uitzendingen, dan langdurige zorg, jeugdzorg en huiselijk geweld en ten slotte nog de andere belangrijke vragen.