Voorzitter. Dat ga ik natuurlijk proberen, wel met de opmerking erbij dat de Kamer meer dan 130 vragen heeft gesteld over zeer uiteenlopende onderwerpen, die stuk voor stuk natuurlijk allemaal ontzettend belangrijk zijn.
Laat ik beginnen met te zeggen dat we het vandaag hebben over het belangrijkste kapitaal dat onze krijgsmacht rijk is, namelijk het personeel. Dat is onze grootste prioriteit. Beroepsmilitairen, maar ook burgerpersoneel en reservisten vormen de ruggengraat van onze organisatie. De internationale veiligheidsorganisatie is anders en onzeker, maar onze opdracht is helder: we moeten groeien om Nederland en zijn bondgenoten veilig te houden. Daarom bereiden we ons met deze Defensienota voor op de huidige en nieuwe conflicten. In reactie op de heer Boon zeg ik: niet op conflicten zoals die in het verleden.
Groeien doen we ook. Daar werkt iedereen binnen onze organisatie iedere dag aan. Voor eenieder die wil, is er plek bij Defensie, van jongeren via het dienjaar tot reservisten die ons komen versterken, naast uiteraard militairen en burgerpersoneel. Maar het moet en het kan ook harder; zeker. Om te groeien is het van belang dat Defensie een goede werkgever is en dat we samen de rust vinden om de organisatie op een verantwoordelijke wijze te laten groeien. De instroom gaat goed, zeker op het gebied van burgers en reservisten, maar bij beroepsmilitairen moet het echt beter. Daar werken we ook aan. Naast de instroom gaat het over zaken die misschien minder in het oog springen, maar wel van belang zijn, zoals de rechtspositie van reservisten. Ook dat heeft onze aandacht.
Wat ook expliciet de aandacht heeft, is de groei van het aandeel vrouwen. Dank aan mevrouw Jagtenberg voor haar aanhoudende aandacht daarvoor. Ik onderschrijf helemaal het belang ervan. We streven, zoals u weet, naar een percentage van 30. Dat is een uitdaging. Daar ben ik me ook van bewust.
Uitspraken Derk Boswijk, 28 sep