Wetgevingsoverleg · maandag 7 september 2026
Wetsvoorstel Wet proactieve dienstverlening SZW
Don Ceder
ChristenUnie
Misschien heeft de heer Ceulemans het gemist in mijn betoog, maar ik heb verwezen naar de motie-Ceder, die ik volgens mij een jaar geleden heb ingediend. Daarin vroeg ik om de conclusies van het Instituut voor Publieke Waarden uit te werken, waarin eigenlijk gezegd wordt: kom tot een vereenvoudiging, want het is een wirwar. Ik heb daar van dit kabinet nog niets van teruggezien. Ik ben het met u eens dat je niet dit kan doorvoeren en de discussie stil laat liggen. Dat het hand in hand gaat, is misschien een te groot woord, maar je moet die discussie voeren. Ik heb ook gezegd dat ik wil horen waar we nu staan. Je zal hier wel een begin mee moeten maken. Daarom zeg ik ook dat je die beweging moet maken en dat je de ruimte moet behouden om het niet verplichtend te maken. Wat ik aangeef, is dat je in beginsel meedoet. Als je niet meedoet, is het ook prima, maar je geeft wel aan waarom niet. Op die manier kunnen we inventariseren wat de redenen zijn. Die redenen zullen over een paar jaar, als er een evaluatiebepaling wordt aangenomen, inzichtelijk worden gemaakt. Wanneer de vereenvoudiging en hoe we dat gaan doen bekend is, kun je hopelijk langzaam maar zeker — precies wat u wilt, en ik ook — toegaan naar een einde aan de wirwar aan regelingen. Maar — en daar zit mijn politieke belang bij — je moet er wel voor zorgen dat mensen niet door het ijs zakken. Volgens mij komt dat samen. Je begint hiermee. Je creëert de voorwaarde dat je over een paar jaar de data hebt om ook het andere te kunnen doen. Volgens mij sla je dan tussen nu en een paar jaar een paar vliegen in één klap en heb je een vereenvoudiging van het totale stelsel.