Wetgevingsoverleg · maandag 7 september 2026
Wetsvoorstel Wet proactieve dienstverlening SZW
André Flach
SGP
Ja, voorzitter. Ik heb het idee dat de reclamezendtijd voor eigen amendementen inmiddels ook afgerond is. Excuus dat ik een deel van dit debat niet heb meegemaakt, maar er loopt precies tegelijk een wetgevingsoverleg een paar zalen verderop. Ik zal bij dezen dus mijn inbreng doen. Ik zal ook niet de hele dag hierbij kunnen zijn.
Voorzitter. Jarenlang was het uitgangspunt: de burger moet de overheid weten te vinden. Met dit wetsvoorstel keert het kabinet dat principe voor sommige regelingen om. Voortaan is het de overheid die actief op zoek gaat naar burgers om hen te helpen hun rechten te benutten. Dat is op zich goed, want voor velen is het stelsel van belastingen, toeslagen en inkomensondersteuning een groot doolhof geworden. Dan is het logisch dat de overheid ook in de spiegel kijkt en zich afvraagt: wat kunnen wij doen om het eenvoudiger te maken? Een aantal hebben dat ook al gezegd. Deze wet heeft als doel het niet-gebruik van inkomensregelingen terug te dringen. De SGP deelt op zich die doelstelling. Er zijn te veel mensen in financiële problemen die van het bestaan van bepaalde regelingen niet weten en daardoor verder in het armoedemoeras wegzakken. Of ze hebben er weleens van gehoord, maar hebben nooit gedacht dat zij er dan ook recht op zouden hebben.
Voorzitter. Nog beter dan proactief mensen helpen bij het krijgen van hun recht in een ingewikkeld stelsel is dus het vereenvoudigen van datzelfde stelsel. De vereenvoudiging van het overheidssysteem is de burger inmiddels veelvuldig voorgespiegeld. Het is ook de aanhoudende ambitie van de verschillende achtereenvolgende kabinetten om zo de burgers beter te kunnen bedienen. Tot op heden is het resultaat echter beperkt. Kan de minister dit wetsvoorstel in het bredere plaatje plaatsen? Wat is dan de stip op de horizon? Welke stappen worden er verder gezet om te komen tot maximale inkomenszekerheid met een volledig vereenvoudigd belastingstelsel zonder het rondpompen van geld via toeslagen? Wanneer kunnen we op dit punt echt tastbare resultaten verwachten?
Voorzitter. Met een aantal collega's, van wie een aantal inmiddels niet meer in de Kamer zitten, ben ik vorig jaar op werkbezoek geweest bij het Vlaams Agentschap Uitbetalingen Groeipakket. De minister heeft ons uitgenodigd binnenkort nog een keer daarnaartoe te gaan; daar ga ik graag op in. Tegen mijn collega's — het is toch een beetje reclamezendtijd — zou ik zeggen: ga mee, want van hun aanpak van gezinsondersteuning kunnen we veel leren. Bovendien is de lunch bij onze Vlaamse buren altijd de moeite waard. Het Groeipakket is een waaier aan regelingen waarmee Vlaamse gezinnen financieel worden ondersteund. De toekenning en uitbetaling gebeurt altijd automatisch. Je hoeft je als ouder nergens voor aan te melden. Achter de schermen worden via het Rijksregister en de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid in Vlaanderen gegevens uitgewisseld, zodat de uitvoeringsorganisaties daar weten waar burgers recht op hebben op basis van hun inkomensgegevens. Het voordeel daarvan is dat je je gegevens in principe maar één keer aan de overheid hoeft te verstrekken, terwijl je in Nederland bij de Belastingdienst, bij DUO en bij de gemeente die gegevens steeds weer opnieuw moet invullen of aanpassen. De Nederlandse aanpak leidt tot een hogere kans op fouten en schulden.
Dit wetsvoorstel gaat minder ver, want er worden geen aanvraagprocedures geschrapt. De overheid wijst iemand alleen proactief op zijn rechten. Waarom kiest het kabinet ervoor burgers alleen te attenderen op een voorziening, terwijl in sommige gevallen automatische toekenning juist minder bureaucratie oplevert?
Het kabinet zegt wel bereid te zijn te kijken naar proactieve dienstverlening en automatische toekenning bij meer uitkeringen en voorzieningen, zoals in Vlaanderen gebeurt. Mijn fractie zou graag zien dat er in aanloop naar een Nederlands vereenvoudigd pakket met gezinsregelingen ook wordt geëxperimenteerd met één loket, één beschikking, een automatische beschikking en een bundeling van de kindvoorzieningen uitgevoerd door de SVB. Ik hoor graag hoe de minister naar ons amendement voor uitbreiding van het experimenteerartikel kijkt. Is hij bereid hiervoor een pilot op te starten?
Ondertussen werkt het kabinet aan een nieuwe integrale kindregeling, waarin de kinderbijslag en het kindgebonden budget worden ondergebracht. De kinderbijslag krijgt iedereen al automatisch: 0% niet-gebruik, dus. Bij het kindgebonden budget is dat anders. Het kabinet zet erop in dat de nieuwe regeling automatisch wordt toegekend aan alle ouders. Zo bereiken en ondersteunen we gezinnen zo goed mogelijk. Op initiatief van de SGP komt er daarnaast een onlinegezinsportaal, zodat iedere ouder met één druk op de knop waar hij of zij in zijn of haar gezinssituatie recht op heeft. De SGP ziet graag een gezinspakket waarin alle kindregelingen zijn samengebracht naar Vlaams voorbeeld. Wat ons betreft horen daar, naast andere landelijke toeslagen, de gemeentelijke regelingen voor armoede en gezinsondersteuning bij. Voor de burger zijn immers alle overheidsorganisaties "de overheid", of het nu om de gemeente gaat, het waterschap of de Belastingdienst. Gegevensuitwisseling tussen Rijk en gemeente zorgt er dan voor dat aan gezinnen automatisch regelingen worden toegekend ter voorkoming van armoede en terugvorderingen. Kan de minister toezeggen te onderzoeken hoe op termijn ook lokale regelingen een plekje kunnen krijgen in dit portaal en uiteindelijk in een breder gezinspakket?
Voorzitter. Bij de AOW is slechts sporadisch sprake van niet-gebruik. Dat is te begrijpen. Bij de AIO, zoals net ook al door de heer Mulder uitgebreid betoogd, komt dat veel vaker voor. Gemiddeld genomen maakt zo'n 30% tot 35% geen gebruik van deze regelingen. Bij sommige doelgroepen loopt dat zelfs op tot twee derde. Ook bij de bijstand zal sprake zijn van een substantieel aantal mensen dat hiervan wel gebruik kan maken, maar daar geen weet van heeft. Ik begrijp dat de dienstverlening zich vooral uitstrekt naar degenen over wie een van de SUWI-partijen al bepaalde gegevens heeft. Dat betekent dat mensen die niet in beeld zijn er hoogstwaarschijnlijk geen profijt van zullen hebben, zo lees ik in de stukken. Te denken valt aan zelfstandigen of aan dak- en thuislozen, die vaak niet in het vizier zijn bij uitvoeringsinstanties. Ik neem aan dat ik ervan mag uitgaan dat er alles aan gedaan wordt om ook deze mensen te bereiken. Als dat het geval is: hoe dan?
Vanuit de gemeenten klinkt de kritiek dat meer gegevens nodig zijn om huishoudens die nog geen gebruikmaken van een gemeentelijke regeling te identificeren en voldoende proactief te kunnen bedienen. Waarom is daar niet voor gekozen? Wat verzet zich tegen gegevensdeling tussen gemeenten, Belastingdienst en DUO? Hoe kijkt de minister naar uitbreiding van de mogelijkheid voor gegevensuitwisseling binnen gemeenten en het mogelijk maken van gegevensuitwisseling met andere partijen zoals schuldhulporganisaties?
Voorzitter. Dit wetsvoorstel zorgt er ook voor dat gemeenten inwoners gaan wijzen op lokale inkomensondersteuning. Tegelijkertijd blijft er een fundamenteel probleem bestaan waar de SGP al eerder aandacht voor vroeg: de lappendeken van lokale armoederegelingen. Terwijl je bedolven wordt onder openstaande rekeningen en stapelende schulden raak je vaak verstrikt in een bureaucratisch doolhof van loketten en inkomensregelingen als je bij de overheid aanklopt. Sommige mensen beginnen om die reden niet eens aan het indienen van een aanvraag. Doen ze dat toch, dan is het nog maar de vraag of ze daar ook echt recht op hebben. Welke rechten iemand uiteindelijk kan benutten, hangt namelijk nog steeds sterk af van de gemeente waarin hij woont. Daar heeft ook de Raad van State terecht op gewezen. Het risico is dat we mensen wel beter de weg wijzen, maar dat doen naar een lappendeken van gemeentelijke regelingen. Hoeveel hulp een gezin in de bijstand krijgt, kan per postcode honderden euro's schelen. Het Instituut voor Publieke Economie rekende laatst voor dat arme gezinnen in de ene gemeente tot ruim €1.000 meer inkomenstoeslag kunnen krijgen dan in een andere gemeente. Hoe kijkt de minister naar deze spanning?
Laat het helder zijn: natuurlijk is er de beleidsvrijheid voor gemeenten. Gemeenten weten immers het beste hoe mensen lokaal geactiveerd kunnen worden, maar het is wel een goede zaak dat het kabinet de veelheid aan lokale regelingen wil vereenvoudigen én harmoniseren. Daarnaast zouden we met elkaar meer inzichtelijk kunnen maken welke uitkeringen waar te verkrijgen zijn. Onze zorg is dat deze ongelijke behandeling zich met dit wetsvoorstel verder doorzet als de ene gemeente stevig inzet op proactieve dienstverlening, terwijl de andere dat niet doet. De proactieve dienstverlening is immers als een kan-bepaling vormgegeven, waardoor het aan de gemeente is of en hoe zij hieraan invulling geeft. Ik lees dat de minister zegt dat de keuze voor een discretionaire bevoegdheid niet mag leiden tot een ongelijke behandeling van gelijke gevallen. Ziet het kabinet dit risico? Hoe wil het ervoor zorgen dat de betrokken uitvoerders op dezelfde manier uitvoering geven aan de proactieve dienstverlening?
Overigens zijn er ook mensen die er heel bewust voor kiezen om geen gebruik te maken van deze regelingen. Dat is ook een goed recht van burgers. Mede om die reden wordt een opt-out in het leven geroepen. Iemand kan dan bezwaar maken tegen het gebruik van zijn gegevens. Terwijl een eenvoudig en minder versnipperd stelsel voor burgers voorop zou moeten staan, blijft de registratie van opt-outs per uitvoeringsorganisatie plaatsvinden en niet centraal. Mijn fractie vindt dat onverstandig. Waarom leggen we dit niet centraal vast? Het lijkt er nu op dat uitvoeringsorganisaties het handiger vinden om dit afzonderlijk te regelen, terwijl de behoefte van burgers doorslaggevend zou moeten zijn. Is de minister dat met de SGP eens? Kun je je ook weer eenvoudig en centraal afmelden voor deze opt-out?
Ik ga richting een afronding, voorzitter. Wie meer mensen bereikt, zal ook meer mensen zien aankloppen voor een uitkering of voorziening. Dat is geen verrassing, maar een logisch gevolg van dit wetsvoorstel. Maar dan dringt zich wel een fundamentele vraag op: wie betaalt de rekening? Juist die vraag heeft in de aanloop naar deze wetsbehandeling voor de meeste politieke onrust gezorgd. Eerst leek het kabinet de extra bijstandsuitgaven niet te willen dekken, waardoor de gemeenten het voorstel niet eens goed konden uitvoeren. Het CDA en D66 namen tijdens een tweeminutendebat afstand van dat voornemen van het kabinet. Daarna volgde er een draai en werd de dekking alsnog elders gevonden, maar niet zonder gevolgen: de rekening werd uiteindelijk neergelegd bij gewone gezinnen, via een verlaging van het kindgebonden budget. Voor de SGP is dat de wereld op zijn kop. Wie de bestaanszekerheid wil versterken, moet niet beginnen met het verzwakken van gezinnen. Juist zij vormen het fundament van onze samenleving. Ik roep het kabinet op om op Prinsjesdag te komen met een alternatieve dekking. Kan de minister toezeggen dat dit slecht doordachte plan van tafel gaat en er een alternatieve dekking komt? Als dat niet gebeurt, overweegt de SGP om geen steun te verlenen aan dit wetsvoorstel. Gezinnen zouden het speerpunt van dit kabinet moeten zijn en niet de sluitpost.
Verder lees ik in de recente Kamerbrief: "Over de financiering van proactieve dienstverlening bij bijzondere bijstand en de studietoeslag gaan wij nader met uw Kamer in gesprek". Wat betekent dat?
Daarnaast zijn de gemeenten zelf verantwoordelijk voor de lokale belastingen en minimaregelingen, waardoor zij ook moeten opdraaien voor de extra uitvoeringslasten. In hoeverre is dit haalbaar voor gemeenten, gelet op hun penibele financiële situatie? Het risico bestaat dat er op lokaal niveau helemaal geen uitvoering meer wordt gegeven aan dit wetsvoorstel, aangezien de gemeenten er gewoon geen geld meer voor hebben. Is de minister het ermee eens dat de inwoners daar niet de dupe van mogen worden?
Dank u wel.