O, dus ze zijn op.
Deze staatssecretaris wil minder afhankelijk worden, terwijl er met het beleid dat gevoerd wordt door zijn collega in het kabinet uiteindelijk sprake zal zijn van meer afhankelijkheid, zeker omdat er nog een generieke korting op productierechten in 2035 achter de hand gehouden wordt. Er worden dus mooie woorden gesproken door de ene staatssecretaris, die haaks staan op het beleid van de andere. Het is ouderwets D66-krimpbeleid, dat gesteund wordt door in ieder geval een groot gedeelte van de aanwezigen in deze commissie. Het zal leiden tot minder voedselzekerheid en, ook niet onbelangrijk, een kaalslag op het platteland.
Voorzitter. Lubach, en zijn op zichzelf grappige filmpjes, is al voorbijgekomen. Daar wordt voorbijgegaan aan het feit dat wij weliswaar voor een deel produceren voor de export, maar dat is op Europees niveau. Ik vind het altijd heel erg bijzonder om vast te stellen dat ik naast mij allerlei mooie gedragen woorden hoor over verantwoordelijkheid voor het voeden van delen van de wereld waar het niet zo goed gaat met de voedselvoorziening en de voedselzekerheid, maar dat dat blijkbaar niet geldt voor dat deel van de Europese Unie dat gewoon onze boeren zijn. Ik vind dat altijd heel bijzonder om te horen. Mijn vraag aan de staatssecretaris is vrij simpel: wat is het effect van deze stikstofplannen op de Nederlandse voedselproductie? Hoeveel boerenbedrijven kunnen straks nog doorgaan? Ik zou het op prijs stellen om het niet in algemene percentages te horen, maar om gewoon te horen wat dit nou betekent voor de boerenbedrijven in Nederland. Is er een ondergrens voor de nationale voedselproductie? Zo ja, welke is dat? Is het doorgerekend of die ondergrens, voor zover die vastgesteld is, overeind blijft met de stikstofplannen? Zo ja, wanneer kunnen we die cijfers ontvangen? Als de conclusie dan zorgwekkend is, wat volgens mij niet anders kan, wil dit kabinet dan nog steeds, gesteund door zo'n beetje alle partijen aan mijn rechterhand, doorgaan met dit desastreuze beleid? En nee, een aantal partijen niet. Mevrouw Ten Hove niet, de heer Jansen niet, de heer Flach niet en uiteraard mevrouw Van der Plas niet. Maar voor de rest is dat geen meerderheid en is het vrij somber. De interrupties op het gebied van de zegeningen van een plantaardige agenda hoef ik hier niet te herhalen, want dat heb ik net uitgebreid gedaan.
Dank u.
Uitspraken Mona Keijzer, 23 sep